ECLI:NL:RBMNE:2022:2652
Rechtbank Midden-Nederland
- Proces-verbaal
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond tegen naheffingsaanslag parkeerbelasting wegens ontbreken betaling
Eiser parkeerde op 23 april 2021 om 19:35 uur zijn auto op een gefiscaliseerde parkeerplaats in Utrecht zonder de verschuldigde parkeerbelasting te voldoen. Verweerder legde daarop een naheffingsaanslag op van € 69,69. Eiser maakte bezwaar tegen deze aanslag, maar dit werd ongegrond verklaard. Vervolgens stelde eiser beroep in bij de rechtbank.
Tijdens de zitting op 16 juni 2022, gehouden via Teams, was eiser niet aanwezig zonder bericht van verhindering. De rechtbank overwoog dat de hoofdregel is dat parkeren op een betaalde parkeerplaats leidt tot verschuldigdheid van parkeerbelasting, met uitzondering van onmiddellijk laden en lossen zoals bepaald in artikel 225, tweede lid, van de Gemeentewet. Eiser stelde dat hij slechts enkele minuten stil stond om een pakket af te geven, maar kon dit niet aannemelijk maken.
De rechtbank stelde vast dat uit de foto’s van de scanauto niet bleek dat er sprake was van laden en lossen. De bewijslast lag bij eiser, die onvoldoende bewijs leverde. Daarom was het naheffen van de parkeerbelasting terecht. Het beroep werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de naheffingsaanslag parkeerbelasting wordt ongegrond verklaard.