Verzoeker diende op 14 juli 2021 een bezwaarschrift in tegen het buiten behandeling laten van een omgevingsvergunning door de gemeente Soest. Na ingebrekestelling op 31 januari 2022 stelde verzoeker op 17 februari 2022 beroep in tegen het niet tijdig beslissen op bezwaar. De gemeente nam op 4 april 2022 alsnog een besluit, waarna verzoeker het beroep introk en proceskostenvergoeding vorderde.
De rechtbank constateert dat de gemeente aan het verzoek van verzoeker tegemoet is gekomen door alsnog te beslissen, waardoor het beroep gegrond is verklaard en voortzetting van het onderzoek niet nodig is. De rechtbank veroordeelt de gemeente tot betaling van proceskosten van €379,50, gebaseerd op een puntensysteem voor beroepskosten.
Daarnaast stelt de rechtbank een dwangsom vast van €1.442,-, het maximale bedrag volgens de Awb, omdat de gemeente niet binnen de wettelijke termijn heeft besloten en de dwangsom niet zelf heeft vastgesteld. Tevens moet de gemeente het betaalde griffierecht van €184,- aan verzoeker vergoeden.