ECLI:NL:RBMNE:2022:3037
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling beroep tegen definitieve vaststelling NOW1-regeling na fout in loonaangiften
Eiseres, exploitant van een kapsalon, vroeg in april 2020 een tegemoetkoming aan op grond van de NOW1-regeling vanwege coronamaatregelen. Verweerder kende een voorschot toe van €5.184,-, maar stelde later definitief vast dat de tegemoetkoming €0,- bedroeg, omdat de loonsom waarop de berekening was gebaseerd lager bleek dan aanvankelijk opgegeven.
Eiseres corrigeerde de loonaangiften over maart, april en mei 2020 pas in augustus 2021, na de wettelijke peildata, vanwege een fout van haar boekhouder. Zij stelde dat de definitieve vaststelling onjuist was en dat haar hoorrecht was geschonden. Ook klaagde zij over een onjuiste voorstelling van zaken over mediation en een betalingsregeling.
De rechtbank oordeelde dat de NOW1-regeling vaste peildata hanteert om fraude te voorkomen en dat hiervan niet kan worden afgeweken, ook niet bij fouten van een boekhouder. De hoorplicht was niet geschonden, aangezien afstemming had plaatsgevonden over het afzien van een hoorzitting. Mediation en betalingsregeling vielen buiten het bestreden besluit. Het beroep werd ongegrond verklaard en eiseres moet het voorschot terugbetalen.
Uitkomst: Beroep ongegrond verklaard; terugvordering van voorschotbedrag van €5.184 bevestigd.