ECLI:NL:RBMNE:2022:3040
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing standplaatsvergunning wegens strijd met bestemmingsplan en ongegrond beroep op gelijkheidsbeginsel
Eiser heeft een aanvraag ingediend voor een standplaatsvergunning om koffie, thee, koolzuurhoudende dranken en lekkernijen te verkopen bij de watertoren aan de [straat] in [plaats]. Verweerder heeft deze aanvraag afgewezen op grond van het Standplaatsenbeleid 2015 en omdat de standplaats in strijd is met het bestemmingsplan 'Landelijk gebied van de gemeente [plaats]'.
Eiser voerde aan dat de hardheidsclausule toegepast had moeten worden vanwege de gunstige locatie aan een knooppunt voor fietsers en wandelaars, en dat de weigering in strijd was met het gelijkheidsbeginsel omdat een vergelijkbare vergunning op een andere locatie was verleend. De rechtbank stelde vast dat de standplaats inderdaad in strijd is met het bestemmingsplan en dat verweerder verplicht was de vergunning te weigeren. De hardheidsclausule kan niet worden toegepast als het bestemmingsplan wordt overtreden.
De rechtbank oordeelde verder dat het beroep op het gelijkheidsbeginsel niet slaagt omdat het bestuursorgaan een eerdere fout niet verplicht is te herhalen, zeker niet als die fout in strijd is met de wet. Het beroep is daarom ongegrond verklaard en eiser krijgt geen standplaatsvergunning en geen griffierecht terug.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de standplaatsvergunning is ongegrond verklaard en de vergunning wordt geweigerd.