ECLI:NL:RBMNE:2022:3049
Rechtbank Midden-Nederland
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Verzoek om voorlopige voorziening inzake intrekking keuringsbevoegdheid niet-ontvankelijk verklaard
Verzoeker, een keuringsinstantie, had bezwaar gemaakt tegen het besluit van de RDW om zijn keuringsbevoegdheid voor voertuigen tot en met 3500 kg voor 12 weken in te trekken. Dit bezwaar werd ongegrond verklaard in het bestreden besluit van 13 april 2022.
Verzoeker diende vervolgens op 6 mei 2022 een verzoek om voorlopige voorziening in bij de voorzieningenrechter om het primaire en het bestreden besluit te schorsen. De voorzieningenrechter stelde vast dat er geen lopende beroepsprocedure was tegen het bestreden besluit, wat een vereiste is voor het toewijzen van een voorlopige voorziening.
Ondanks dat verzoeker hier schriftelijk en telefonisch op was gewezen, werd geen beroepsprocedure gestart. Daarom werd het verzoek om voorlopige voorziening niet-ontvankelijk verklaard. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd gedaan op 4 juli 2022 door voorzieningenrechter M.P. Glerum.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van een lopende beroepsprocedure.