ECLI:NL:RBMNE:2022:3080
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep gegrond wegens niet tijdig beslissen op herbeoordeling kinderopvangtoeslag
Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen door de Belastingdienst op haar aanvraag tot herbeoordeling van de kinderopvangtoeslag, ingediend op 18 januari 2021. De wettelijke beslistermijn van zes maanden was op 18 januari 2022 verstreken, waarna eiseres op 26 maart 2022 een ingebrekestelling stuurde. Ondanks deze ingebrekestelling heeft verweerder nog geen besluit genomen.
De rechtbank overweegt dat de complexiteit en het grote aantal herbeoordelingen in het kader van de kinderopvangtoeslagenaffaire een langere beslistermijn rechtvaardigen dan de standaard twee weken. Verweerder heeft een gedetailleerd proces geschetst dat een termijn van ongeveer 18 weken kan vergen, maar verzoekt om een termijn van dertien weken. De rechtbank stelt een termijn van twaalf weken vast, uiterlijk tot 11 oktober 2022, met verlenging indien eiseres de zienswijzeperiode overschrijdt.
Daarnaast legt de rechtbank een dwangsom op van €100 per dag bij overschrijding van de termijn, met een maximum van €15.000, en stelt de reeds verschuldigde dwangsom vast op €1.442. Het beroep wordt gegrond verklaard, het niet tijdig beslissen vernietigd, en verweerder wordt opgedragen binnen de gestelde termijn alsnog te beslissen. Tevens wordt verweerder veroordeeld tot vergoeding van het betaalde griffierecht aan eiseres.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep gegrond en draagt de Belastingdienst op binnen twaalf weken alsnog een besluit te nemen met een dwangsom bij overschrijding.