ECLI:NL:RBMNE:2022:3183

Rechtbank Midden-Nederland

Datum uitspraak
22 juli 2022
Publicatiedatum
8 augustus 2022
Zaaknummer
UTR 22/1306
Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Bestuursrecht
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:54 Awb
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Ongegrond verklaring beroep wegens ontbreken procesbelang bij WW-uitkering

Eiseres heeft beroep ingesteld tegen de beslissing van verweerder waarin haar bezwaar niet-ontvankelijk werd verklaard wegens het ontbreken van procesbelang. Het bezwaar richtte zich tegen betalingsspecificaties waarin haar WW-uitkering op nihil was gesteld.

Verweerder heeft de uitkering op 12 oktober 2021 alsnog volledig betaald, waardoor volgens de rechtbank het procesbelang is komen te vervallen. Eiseres stelde dat zij schade had geleden door de vertraagde betaling en dat zij niet voldoende gelegenheid had gekregen om haar gronden toe te lichten.

De rechtbank oordeelt dat verweerder met de volledige betaling tegemoet is gekomen aan de bezwaren en dat het verzoek om schadevergoeding in een aparte procedure kan worden behandeld. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard. Er is geen proceskostenvergoeding toegekend.

Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard omdat de WW-uitkering alsnog volledig is betaald en procesbelang ontbreekt.

Uitspraak

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Zittingsplaats Utrecht
Bestuursrecht
zaaknummer: UTR 22/1306

uitspraak van de enkelvoudige kamer van 22 juli 2022 in de zaak tussen

[eiseres], te [woonplaats] , eiseres

(gemachtigde: mr. K.S. Faber),
en
de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, verweerder ( gemachtigde: W.A. Postma).

Procesverloop

Deze uitspraak gaat over het beroep van eiseres tegen de beslissing op bezwaar van verweerder van 19 januari 2022.

Overwegingen

1. De rechtbank nodigt partijen niet uit voor een zitting, omdat dat in deze zaak niet nodig is. Hieronder legt de rechtbank dat verder uit.
2. Verweerder heeft met de beslissing van 19 januari 2022 het bezwaar van eiseres niet-ontvankelijk verklaard vanwege het ontbreken van procesbelang. Het bezwaar is namelijk gericht tegen twee betalingsspecificaties van 27 augustus 2021 en 8 september 2021 waarin de WW-uitkering van eiseres op nihil is gesteld. Op 12 oktober 2021 is deze uitkering alsnog volledig uitbetaald. Daarom is er volgens verweerder geen procesbelang meer.
3. Eiseres stelt in haar beroepschrift dat er wel procesbelang is. Eiseres heeft namelijk schade geleden door de nihil stelling en de daardoor latere uitbetaling van haar uitkering. Ook geeft ze aan dat verweerder met zijn brief van 10 januari 2022 de beslistermijn heeft verlengd met zes weken, omdat hij nog op een reactie van eiseres wacht. Vervolgens wordt er – zonder dat er een reactie van eiseres is gekomen – op 19 januari 2022 toch ineens een beslissing gestuurd. Daarnaast is eiseres – ondanks herhaaldelijke verzoeken daartoe – niet in de gelegenheid gesteld om aan te geven wat de gronden van haar beroep zijn.
4. De rechtbank is het niet eens met eiseres. Verweerder heeft namelijk de WW-uitkering alsnog volledig betaald. Daarmee is verweerder volledig tegemoet gekomen aan de bezwaren van eiseres. Het verzoek om schadevergoeding kan in een aparte procedure worden afgehandeld. Verweerder heeft dit verzoek daarom doorgezet naar de juiste afdeling.
5. Het beroep is kennelijk ongegrond (artikel 8:54 van Pro de Awb).
6. Van een proceskostenvergoeding is geen sprake.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.
Deze uitspraak is gedaan door mr. S.C.A. van Kuijeren, rechter, in aanwezigheid van
P.W. Hogenbirk, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 22 juli 2022.
griffier rechter
Afschrift verzonden aan partijen op:

Bent u het niet eens met deze uitspraak?

Als u het niet eens bent met deze uitspraak kunt een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen 6 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum op de stempel die hierboven staat. Als u graag een zitting wilt waarbij u persoonlijk uw mening aan de rechter kunt geven, kunt u dit in uw verzetschrift aangeven.