De rechtbank Midden-Nederland heeft op 13 januari 2022 beslist tot verlenging van de ondertoezichtstelling en de machtiging tot uithuisplaatsing van een minderjarige die sinds april 2020 in een pleeggezin verblijft. De ondertoezichtstelling en machtiging waren eerder verleend en steeds verlengd, laatstelijk tot 27 januari 2022.
De gecertificeerde instelling verzocht om verlenging met een jaar. De moeder erkende de noodzaak van ondertoezichtstelling maar wenste dat haar kind terugkeert naar haar zorg. Het hof heeft echter bepaald dat nader NIFP-onderzoek moet plaatsvinden naar het perspectief van terugplaatsing, maar dat de minderjarige tijdens dit onderzoek bij de pleegouders moet blijven wonen. De moeder is het hier niet mee eens.
De rechtbank oordeelt dat de voorwaarden voor verlenging van de ondertoezichtstelling en machtiging tot uithuisplaatsing zijn vervuld. De belangen van de minderjarige, die zich goed ontwikkelt in het pleeggezin, wegen zwaarder dan het verzoek van de moeder. De machtiging wordt verlengd tot 27 januari 2023, met het oog op het lopende NIFP-onderzoek en het belang van continuïteit en stabiliteit voor het kind.
De uitspraak is uitvoerbaar bij voorraad en er is mogelijkheid tot hoger beroep bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden.