ECLI:NL:RBMNE:2022:3198

Rechtbank Midden-Nederland

Datum uitspraak
8 augustus 2022
Publicatiedatum
9 augustus 2022
Zaaknummer
UTR 22/1405
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Bestuursrecht
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:41 AwbArt. 8:54 Awb
Verwijzingen
3 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beroep niet-ontvankelijk wegens niet betalen griffierecht in bestuursrechtelijke procedure

In deze bestuursrechtelijke zaak heeft eiser beroep ingesteld tegen een besluit van de Minister voor Rechtsbescherming van 31 januari 2022. De rechtbank heeft het beroep niet inhoudelijk behandeld omdat eiser het vereiste griffierecht van €184,- niet heeft voldaan.

De rechtbank heeft eiser meerdere malen schriftelijk verzocht het griffierecht binnen vier weken te betalen, eerst op 6 april 2022 en vervolgens met een aangetekende herinneringsbrief op 5 mei 2022. Ondanks deze aanmaningen heeft eiser het griffierecht niet betaald en geen geldige reden voor het niet betalen aangevoerd.

Op grond van artikel 8:41 en Pro 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht is de rechtbank daarom gehouden het beroep niet-ontvankelijk te verklaren. De rechtbank doet geen inhoudelijke uitspraak over het beroep en wijst het verzoek om proceskostenvergoeding af.

De uitspraak is gedaan door rechter R.J.A. Schaaf en griffier K.S. Smits op 8 augustus 2022 te Utrecht. Eiser wordt gewezen op de mogelijkheid van het indienen van een verzetschrift binnen zes weken na verzending van deze uitspraak.

Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens niet betaling van het griffierecht.

Uitspraak

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Zittingsplaats Utrecht
Bestuursrecht
zaaknummer: UTR 22/1405

uitspraak van de enkelvoudige kamer van 8 augustus 2022 in de zaak tussen

[eiser], te [woonplaats], eiser

(gemachtigde: mr. S.C. Kanhai),
en

de Minister voor Rechtsbescherming, verweerder.

Procesverloop

Deze uitspraak gaat over het beroep van eiser tegen het besluit van verweerder van 31 januari 2022.

Overwegingen

1. De rechtbank nodigt partijen niet uit voor een zitting, omdat dat in deze zaak niet nodig is. Eiser heeft namelijk het griffierecht niet betaald, waardoor de rechtbank de zaak niet inhoudelijk kan behandelen. Hieronder legt de rechtbank dat verder uit.
2. Iemand die in beroep gaat moet griffierecht betalen. Dit staat in artikel 8:41, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). In dit geval is het griffierecht € 184,-.
3. Als het griffierecht niet (op tijd) wordt betaald is de hoofdregel dat de rechtbank het beroep niet inhoudelijk mag behandelen. Soms is dat anders. Dan is er een geldige reden waarom het griffierecht niet door de rechtbank is ontvangen. Het gaat dan om omstandigheden waar eiser niets aan kan doen.
4. De rechtbank heeft eiser op 6 april 2022 een brief gestuurd, waarin staat dat eiser het griffierecht binnen vier weken moet betalen aan de rechtbank. De rechtbank heeft eiser op 5 mei 2022 een aangetekende herinneringsbrief gestuurd, waarin staat dat eiser het griffierecht binnen vier weken moet betalen aan de rechtbank.
5. De rechtbank heeft het bedrag niet ontvangen. Eiser heeft daar geen geldige reden voor gegeven.
6. Het beroep zal niet inhoudelijk worden behandeld en de rechtbank zal geen uitspraak over het beroep doen. Het beroep is kennelijk niet-ontvankelijk (artikel 8:54 Awb Pro).
7. Eiser krijgt geen gelijk en daarom ook geen vergoeding van zijn proceskosten.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan door mr. R.J.A. Schaaf, rechter, in aanwezigheid van mr. K.S. Smits, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 8 augustus 2022.
griffier rechter
Afschrift verzonden aan partijen op:

Bent u het niet eens met deze uitspraak?

Als u het niet eens bent met deze uitspraak kunt u een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen 6 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum op de stempel die hierboven staat. Als u graag een zitting wilt waarbij u persoonlijk uw mening aan de rechter kunt geven, kunt u dit in uw verzetschrift aangeven.