ECLI:NL:RBMNE:2022:3263
Rechtbank Midden-Nederland
- Proces-verbaal
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen grondslag aanslag OZB 2021 ongegrond verklaard
Eiser heeft beroep ingesteld tegen de grondslag van de aanslag onroerendezaakbelasting (OZB) 2021, stellende dat deze aanslag is gebaseerd op een te hoge aanslag uit 2020 die niet conform het raadsvoorstel belastingverordening was vastgesteld. Eiser verwijst naar een toezegging van de wethouder die niet is nagekomen, waardoor volgens hem de aanslagen te hoog zijn.
De rechtbank stelt vast dat het beroep uitsluitend ziet op de aanslag 2021 en niet op de aanslagen van 2020 of 2022. De WOZ-waarde voor 2021 is onafhankelijk vastgesteld op basis van vergelijkbare verkochte woningen rond de waardepeildatum 1 januari 2020. Eiser heeft geen bezwaar tegen deze waardebepaling ingebracht.
Het gehanteerde OZB-tarief is vastgesteld door de gemeenteraad en valt buiten de beoordeling van de belastingrechter, tenzij sprake is van strijd met hogere wetgeving of rechtsbeginselen, hetgeen hier niet is aangetoond. Verweerder heeft de aanslag 2021 correct vastgesteld op basis van de WOZ-waarde en het tarief. Een toezegging van de wethouder kan niet leiden tot aanpassing van de aanslag.
De rechtbank verklaart het beroep ongegrond, laat de aanslag ongewijzigd en wijst het verzoek tot terugbetaling van griffierecht en proceskostenvergoeding af.
Uitkomst: Het beroep tegen de aanslag OZB 2021 wordt ongegrond verklaard en de aanslag blijft ongewijzigd.