ECLI:NL:RBMNE:2022:3303
Rechtbank Midden-Nederland
- Proces-verbaal
- Rechtspraak.nl
Beoordeling terugvordering kinderopvangtoeslag 2020 zonder matiging
Eiser betwist het terug te betalen bedrag aan kinderopvangtoeslag over het jaar 2020. Na een bezwaarprocedure waarbij een motiveringsgebrek werd vastgesteld, heeft de rechtbank het beroep van eiser behandeld en direct uitspraak gedaan.
De kern van het geschil betreft de vraag of de Belastingdienst het terug te vorderen bedrag had moeten matigen vanwege bijzondere omstandigheden. Eiser stelde dat een fout in zijn belastingaangifte en het gebruik van een rekenmodule met een lager inkomen aanleiding geven tot matiging. De rechtbank oordeelt dat deze omstandigheden geen bijzondere gronden vormen voor matiging volgens het Verzamelbesluit Toeslagen.
De rechtbank benadrukt dat het voorschot op basis van geschatte inkomensgegevens wordt uitgekeerd en dat de definitieve vaststelling van de kinderopvangtoeslag gebaseerd is op het definitieve toetsingsinkomen. Het verschil tussen deze bedragen is geen bijzondere omstandigheid die matiging rechtvaardigt. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard, maar verweerder moet het griffierecht aan eiser vergoeden.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en het terug te vorderen bedrag kinderopvangtoeslag wordt niet gematigd.