ECLI:NL:RBMNE:2022:3728
Rechtbank Midden-Nederland
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Verzoek voorlopige voorziening niet-ontvankelijk wegens ontbreken beroep tegen nieuw besluit
Verzoekster had een aanvraag gedaan voor het toekennen van twee huisnummers aan een appartement, welke aanvankelijk niet in behandeling werd genomen door het college van burgemeester en wethouders van Almere in een besluit van 10 mei 2022. Verzoekster maakte bezwaar tegen dit primaire besluit en vroeg de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening.
In een nieuw besluit van 3 juni 2022 werd de aanvraag alsnog toegewezen. Verzoekster stelde echter geen beroep in tegen dit nieuwe besluit. De voorzieningenrechter oordeelde dat een verzoek om voorlopige voorziening alleen ontvankelijk is indien er een lopende beroepsprocedure is tegen het besluit waartegen voorlopige voorziening wordt gevraagd. Omdat dat niet het geval was, werd het verzoek niet-ontvankelijk verklaard.
Daarnaast verzocht verzoekster om vergoeding van proceskosten. De gemachtigde van verzoekster had echter een eigen belang bij de procedure, waardoor de verleende rechtsbijstand niet als beroepsmatig werd aangemerkt. Daarom werd het verzoek tot proceskostenvergoeding afgewezen. Wel werd verweerder opgedragen het door verzoekster betaalde griffierecht te vergoeden, aangezien het bezwaar gegrond was verklaard en het primaire besluit werd herzien.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening is niet-ontvankelijk verklaard, proceskostenveroordeling afgewezen en griffierecht vergoed.