ECLI:NL:RBMNE:2022:3791
Rechtbank Midden-Nederland
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Beroep gegrond tegen afwijzing urgentieverklaring wegens onvoldoende motivering hardheidsclausule
Eiser vroeg bij de gemeente De Ronde Venen een urgentieverklaring aan vanwege dreigende dakloosheid en de ernstige medische situatie van zijn echtgenote. De aanvraag werd afgewezen omdat eiser niet voldeed aan de criteria van de Huisvestingsverordening, met name omdat hij niet zelfstandig over woonruimte zou beschikken. Ook werd de hardheidsclausule niet toegepast.
Na bezwaar handhaafde de gemeente het besluit. De voorzieningenrechter oordeelde dat eiser wel procesbelang had en dat het begrip 'beschikt' in de Huisvestingsverordening niet onduidelijk genoeg was om buiten toepassing te laten. Het huisbewaarderschap gaf geen zelfstandige woonruimte, waardoor afwijzing op die grond terecht was.
Echter, de voorzieningenrechter vond dat de gemeente onvoldoende had gemotiveerd waarom de hardheidsclausule niet werd toegepast, mede omdat onduidelijk was op welke medische informatie dit was gebaseerd. Daarom werd het beroep gegrond verklaard, het besluit vernietigd en de gemeente opgedragen een nieuw besluit te nemen binnen vier weken.
Daarnaast werd eiser een vergoeding toegekend voor proceskosten en griffierecht. Het verzoek om voorlopige voorziening werd afgewezen omdat het beroep werd behandeld. De uitspraak werd gedaan door voorzieningenrechter J.J. Catsburg op 21 september 2022.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het bestreden besluit vernietigd vanwege onvoldoende motivering omtrent de hardheidsclausule.