Eiseres heeft een aanvraag ingediend op 3 februari 2021 waarvoor de Belastingdienst binnen zes maanden moest beslissen. Deze termijn is met zes maanden verlengd, maar de beslissing is alsnog niet binnen de gestelde termijn genomen. Eiseres heeft de Belastingdienst in gebreke gesteld, waarna de rechtbank constateert dat de beslistermijn is overschreden.
De rechtbank wijst op de wettelijke verplichting tot betaling van een dwangsom bij niet tijdig beslissen en stelt de hoogte van deze dwangsom vast op €1.442,-. De Belastingdienst vraagt om een termijn van twaalf weken vanwege de complexiteit en het grote aantal herbeoordelingen in het kader van de kinderopvangtoeslagenaffaire.
De rechtbank erkent de bijzondere omstandigheden en wijst een termijn van tien weken toe voor het alsnog nemen van een besluit, met een verlenging indien eiseres de termijn voor het indienen van een zienswijze overschrijdt. Tevens wordt een dwangsom van €100,- per dag opgelegd voor elke dag dat de nieuwe termijn wordt overschreden, met een maximum van €15.000,-. Het beroep wordt gegrond verklaard en proceskosten worden aan eiseres toegekend.