ECLI:NL:RBMNE:2022:4380
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen vastgestelde WOZ-waarde woning in Utrecht
Eiser betwist de door verweerder vastgestelde WOZ-waarde van zijn woning, gelegen in Utrecht, en stelt dat deze te hoog is vastgesteld op €236.000. Ter onderbouwing overlegt eiser een waarderapport waarin de waarde op €212.000 wordt gesteld. Verweerder verdedigt de vastgestelde waarde met een taxatierapport en een overzicht van vergelijkingsobjecten in dezelfde straat.
De rechtbank beoordeelt dat verweerder aan zijn bewijslast heeft voldaan door aannemelijk te maken dat de waarde van €236.000 niet te hoog is. De vergelijkingsobjecten zijn goed gekozen en gecorrigeerd voor verschillen in kavelgrootte en verkoopdatum. Het standpunt van eiser dat parkeerdruk de waarde drukt wordt verworpen omdat vergelijkingsobjecten dezelfde parkeerdruk kennen.
Ook het waarderapport van eiser overtuigt niet, mede omdat de transactieprijzen van referentieverkopen hoger zijn dan de vastgestelde waarde. Het argument van ongelijke behandeling met een nabijgelegen woning wordt niet gevolgd omdat geen sprake is van begunstigend beleid of afwijking van de wet.
De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en veroordeelt verweerder niet in proceskosten. De vastgestelde WOZ-waarde blijft daarmee gehandhaafd op €236.000.
Uitkomst: Het beroep tegen de vastgestelde WOZ-waarde van €236.000 wordt ongegrond verklaard.