Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.ONDERZOEK TER TERECHTZITTING
2.TENLASTELEGGING
op 10 mei 2019 te Utrecht ongeveer 8,65 gram cocaïne aanwezig heeft gehad.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Midden-Nederland
De rechtbank Midden-Nederland behandelde de zaak tegen verdachte die werd verdacht van het bezit van ongeveer 8,65 gram cocaïne op 10 mei 2019 in Utrecht. Tijdens het onderzoek bleek dat verdachte zonder wettelijke basis werd gefouilleerd, waarbij drugs werden aangetroffen.
De verdediging stelde dat deze fouillering een onherstelbaar vormverzuim opleverde, waardoor het bewijs uitgesloten moest worden. De officier van justitie betoogde dat er geen sprake was van een vormverzuim omdat de fouillering slechts een kledingaftasting was in het kader van een opdracht tot inbeslagname van telefoons.
De rechtbank oordeelde dat het aftasten van de kleding wel degelijk een fouillering is en dat hiervoor geen wettelijke grondslag of toestemming bestond. Dit vormverzuim was onherstelbaar en leidde tot bewijsuitsluiting. Door het ontbreken van wettig en overtuigend bewijs werd verdachte vrijgesproken van het ten laste gelegde bezit van cocaïne.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens onvoldoende wettig en overtuigend bewijs na onrechtmatige fouillering en bewijsuitsluiting.