Uitspraak
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 2 december 2022 in de zaak tussen
[eiseres] , uit [vestigingsplaats] , eiseres
Inleiding
Beoordeling door de rechtbank
Het geschil
Toetsingskader
Oordeel rechtbank
Rechtbank Midden-Nederland
Eiseres, eigenaar van een pand in Utrecht, vroeg een omgevingsvergunning aan voor het creëren van een zelfstandige woning op de tweede verdieping en het wijzigen van de dakvorm. Het college weigerde de vergunning omdat het bouwplan in strijd was met de beheersverordening en niet paste binnen het straatbeeld. Na gedeeltelijke herroeping van het primaire besluit bleef de weigering van de vergunning voor de dakopbouw in stand.
De rechtbank toetste of het college in redelijkheid tot zijn besluit was gekomen. Het college stelde dat het pand deel uitmaakt van een eenheid binnen een rij woningen die eenzelfde goothoogte, nokhoogte en dakvorm delen, wat waardevol is voor het straatbeeld. Het bouwplan zou hiervan afwijken en daarmee het stedenbouwkundige beeld verstoren. De rechtbank vond deze motivering redelijk en volgde het oordeel dat het bouwplan stedenbouwkundig onwenselijk is.
Eiseres voerde aan dat er al sprake was van verrommeling in de buurt en dat het bouwplan geen extra verrommeling mocht opleveren. De rechtbank oordeelde dat het college geen reden hoefde te zien om verdere verrommeling toe te staan. De weigering van de vergunning werd bevestigd omdat het bouwplan in strijd is met een goede ruimtelijke ordening en de beheersverordening.
Het beroep werd ongegrond verklaard, de geweigerde vergunning bleef van kracht en eiseres kreeg geen proceskostenvergoeding. De uitspraak werd gedaan door rechter Visser op 2 december 2022.
Uitkomst: Het beroep tegen de weigering van de omgevingsvergunning voor de dakopbouw wordt ongegrond verklaard en de vergunning blijft geweigerd.