Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.ONDERZOEK TER TERECHTZITTING
2.TENLASTELEGGING
3.VOORVRAGEN
4.WAARDERING VAN HET BEWIJS
- de bekennende verklaring van verdachte ter terechtzitting van 22 november 2022;
- een in de wettelijke vorm opgemaakt proces-verbaal van bevindingen van 27 augustus 2022, genummerd PL0900-2022250998-7, opgemaakt door politie eenheid Midden-Nederland, houdende de bevindingen van verbalisant [verbalisant 1] , doorgenummerde pagina’s 14 t/m 15;
- een in de wettelijke vorm opgemaakt proces-verbaal van bevindingen van 6 september 2022, genummerd PL0900-2022250998-34, opgemaakt door politie eenheid Midden-Nederland, houdende de bevindingen van verbalisant [verbalisant 2] , doorgenummerde pagina’s 72 t/m 75.
5.BEWEZENVERKLARING
6.STRAFBAARHEID VAN DE FEITEN
handelen in strijd met artikel 26, eerste lid, van de Wet wapens en munitie en het feit begaan met betrekking tot een vuurwapen van categorie III.
handelen in strijd met artikel 26, eerste lid, van de Wet wapens en munitie.
7.STRAFBAARHEID VAN VERDACHTE
8.OPLEGGING VAN STRAF
1) een meldplicht bij de reclassering;
9.VORDERING TENUITVOERLEGGING
10.TOEPASSELIJKE WETTELIJKE VOORSCHRIFTEN
- 9, 14a, 14b, 14c, 22c, 22d, 55, 63 van het Wetboek van Strafrecht en
- 26 en 55 van de Wet wapens en munitie;
11.BESLISSING
gevangenisstraf van 180 dagen;
134 dagen, niet zal worden ten uitvoer gelegd, tenzij de rechter later anders gelast op grond van het feit dat verdachte de hierna te melden algemene en/of bijzondere voorwaarden niet heeft nageleefd;
dadelijk uitvoerbaarzijn;
taakstraf van 120 uren;