Uitspraak
uitspraak van de meervoudige kamer van 17 februari 2022 in de zaak tussen
Vereniging Vrienden van het Gooi, gevestigd in Hilversum, eiseres
het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Blaricum, verweerder
[derde-partij] B.V., gevestigd in [vestigingsplaats] .
Inleiding
Overwegingen
- Saldering: Op grond van het derde lid zijn besluiten mogelijk waarin de activiteiten per saldo niet leiden tot een significante aantasting van de wezenlijke kenmerken en waarden, of tot een vermindering van de oppervlakte van het NNN of de natuurverbindingen, of van de samenhang tussen de NNN-gebieden.
- Compensatie: Op grond van het vierde lid kunnen besluiten worden genomen die wel per saldo tot een significante aantasting of vermindering van het oppervlak leiden, als er sprake is van een groot openbaar belang, er geen reële alternatieven zijn en de negatieve effecten gelijkwaardig worden gecompenseerd.
- Herbegrenzing: Op grond van het achtste lid hebben gedeputeerde staten de bevoegdheid om de begrenzing van het NNN te wijzigen, onder meer ten behoeve van een kleinschalige ontwikkeling (als wordt voldaan aan een aantal voorwaarden) of voor de toepassing van compensatie.
huidigeNNN geen verslechtering mag plaatsvinden. Een verslechtering binnen het NNN kan dus alleen gesaldeerd worden met een verbetering binnen het huidige NNN. Maatregelen buiten het huidige NNN zijn voor de saldering dus alleen relevant voor zover die een positief effect hebben op huidig NNN-gebied.
Beslissing
Bent u het niet eens met deze uitspraak?
Bijlage: regelgeving
a er sprake is van een groot openbaar belang;
b er geen reële alternatieven zijn, en;
c de negatieve effecten op de wezenlijke kenmerken en waarden, oppervlakte en samenhang
1° de wezenlijke kenmerken en waarden van het natuurnetwerk Nederland worden
2° de oppervlakte van het natuurnetwerk Nederland ten minste gelijk blijft; of
2° de ontwikkeling per saldo gepaard gaat met een versterking van de wezenlijke kenmerken en waarden van het Natuurnetwerk Nederland, of een vergroting van de oppervlakte van het natuurnetwerk Nederland; en
3° de oppervlakte van het natuurnetwerk Nederland ten minste gelijk blijft; of