Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.ONDERZOEK TER TERECHTZITTING
2.TENLASTELEGGING
3.VOORVRAGEN
4.WAARDERING VAN HET BEWIJS
waggieauto,
ijzervuurwapen,
ammomunitie en
ganoepistool. De politie denkt daarnaast dat met ‘tillies’ ‘tellies’ bedoeld wordt, wat volgens de politie telefoons betekent. [15]
Daarnaast is op verschillende gestolen telefoondoosjes en op het vuurwapen dat in de woning aan de [straat] is gevonden DNA van verdachte aangetroffen. Dat verdachte de telefoons aangeboden heeft gekregen om te verkopen, gelooft de rechtbank gelet op het voorgaande niet. De rechtbank concludeert dan ook dat verdachte de andere dader van de overval was.
5.BEWEZENVERKLARING
6.STRAFBAARHEID VAN DE FEITEN
7.STRAFBAARHEID VAN VERDACHTE
8.OPLEGGING VAN STRAF
- een meldplicht bij de reclassering;
- een locatiegebod;
- een contactverbod met de medeverdachte;
- een contactverbod met het slachtoffer;
- meewerken aan schuldhulpverlening;
- meewerken aan dagbesteding.
10.BENADEELDE PARTIJ
11.TOEPASSELIJKE WETTELIJKE VOORSCHRIFTEN
12.BESLISSING
gevangenisstrafvan
15 maanden;
- wijst de vordering van [slachtoffer] toe tot een bedrag van € 4.089,93 , bestaande uit een bedrag van € 1.089,93 aan materiële schade en € 3.000,- aan immateriële schade;
- veroordeelt verdachte hoofdelijk tot betaling aan [slachtoffer] van het toegewezen bedrag, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 16 februari 2021 tot de dag van de algehele voldoening, met dien verstande dat indien en voor zover reeds door een ander (gedeeltelijk) is betaald, verdachte (in zoverre) van deze verplichting zal zijn bevrijd;
- wijst de vordering van [slachtoffer] voor een bedrag van € 170,14 af;
- verklaart [slachtoffer] voor wat betreft het meer gevorderde niet-ontvankelijk in de vordering en bepaalt dat dat gedeelte van de vordering bij de burgerlijke rechter kan worden aangebracht;
- legt verdachte de hoofdelijke verplichting op ten behoeve van [slachtoffer] aan de Staat € 4.089,93 te betalen, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 16 februari 2021 tot de dag van de volledige betaling, bij niet betaling aan te vullen met 50 dagen gijzeling;
- bepaalt dat verdachte van zijn verplichting tot het vergoeden van schade is bevrijd als hij en/of zijn mededader op een van de hiervoor beschreven manieren de schade aan de benadeelde dan wel aan de Staat heeft vergoed.