ECLI:NL:RBMNE:2022:6318
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond tegen vastgestelde WOZ-waarde van vrijstaande woning met unieke ligging
Eiser betwist de WOZ-waarde van zijn vrijstaande woning aan een unieke locatie met water, vastgesteld op €945.000 voor het belastingjaar 2021. Hij stelt dat de waarde te hoog is en niet hoger mag zijn dan €705.000, mede vanwege onjuiste inhoudsmaat en ouderdom van voorzieningen.
De heffingsambtenaar handhaaft de waarde en onderbouwt deze met een taxatiematrix waarin de woning wordt vergeleken met drie referentiewoningen aan dezelfde straat, rekening houdend met verschillen in bouwjaar, kwaliteit en voorzieningen. De rechtbank oordeelt dat de referentiewoningen voldoende vergelijkbaar zijn en dat de toegepaste correcties passend zijn.
De rechtbank volgt de toelichting van de heffingsambtenaar over de inhoudsmaat en het voorzieningenniveau en ziet geen aanleiding om de vastgestelde WOZ-waarde te verlagen. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen de vastgestelde WOZ-waarde van €945.000 wordt ongegrond verklaard.