Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op haar aanvraag van 23 december 2020 voor herbeoordeling van de kinderopvangtoeslag. De rechtbank stelt vast dat de beslistermijn is overschreden en dat verweerder in gebreke is gesteld op 16 februari 2022. Het beroep is tijdig ingediend en gegrond verklaard.
De rechtbank bepaalt dat verweerder alsnog binnen een termijn van twaalf weken na het verweerschrift van 3 november 2022 een besluit moet nemen. Deze termijn is verlengd met de periode waarin eiseres de termijn van zes weken voor het indienen van een zienswijze overschrijdt. De rechtbank acht de termijn van twee weken onrealistisch gezien de complexiteit en het aantal aanvragen.
Daarnaast legt de rechtbank een dwangsom op van €100 per dag met een maximum van €15.000 voor elke dag dat verweerder de termijn overschrijdt. Tevens moet verweerder het door eiseres betaalde griffierecht van €50 vergoeden. De uitspraak is gedaan door rechter M. Eversteijn op 9 december 2022.