Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBMNE:2022:6618

Rechtbank Midden-Nederland

Datum uitspraak
4 mei 2022
Publicatiedatum
4 april 2024
Zaaknummer
C/16/508239 / HA ZA 20-543
Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 15.6 TKSOArt. 6:119 BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Betaling en nakoming bij samenwerking zonnepanelen met correctie schadevergoeding

In deze civiele zaak tussen twee besloten vennootschappen over een samenwerking in zonnepanelen vordert de gedaagde partij betaling van facturen en stelt een reconventionele vordering tot nakoming. De rechtbank Midden-Nederland heeft op 23 maart 2022 een vonnis gewezen waarin een schadevergoeding wegens te late oplevering werd vastgesteld.

Na het vonnis verzocht de gedaagde partij om verbetering van een kennelijke rekenfout in de berekening van de schadevergoeding. De rechtbank stelde vast dat de periode van overschrijding niet 41 maar 51 kalenderdagen bedroeg, wat leidde tot een hogere schadevergoeding.

De rechtbank wijzigde daarop de relevante passages in het vonnis en verhoogde de toe te wijzen schadevergoeding van €20.500,00 naar €25.500,00. Dit leidde tot een verhoging van de totaal toewijsbare hoofdsom in reconventie van €124.999,10 naar €129.999,10. Tevens werden de wettelijke rentevergoedingen dienovereenkomstig aangepast.

De verbetering werd op 4 mei 2022 in het openbaar uitgesproken door rechter D.J. van Maanen, die tevens bepaalde dat partijen de ontvangen vonnissen aan de griffie retourneren indien zij dat nog niet hadden gedaan.

Uitkomst: De rechtbank wijzigt het vonnis en veroordeelt eiseres tot betaling van €129.999,10 plus wettelijke rente wegens te late oplevering.

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Civiel recht
handelskamer
locatie Utrecht
zaaknummer / rolnummer: C/16/508239 / HA ZA 20-543
Herstelvonnis van 4 mei 2022
in de zaak van
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
[eiseres] B.V.,
gevestigd te [vestigingsplaats] ,
eiseres,
advocaat mr. J.R.M. Schravenmade te Maarssen,
tegen
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
[gedaagde] B.V.,
gevestigd te [vestigingsplaats] ,
gedaagde,
advocaat mr. E. Nijhof te 's-Gravenhage.
Partijen zullen hierna [eiseres] en [gedaagde] genoemd worden.

1.Het verzoek tot verbetering

1.1.
Bij brief van30 maart 2022 is namens [gedaagde] de rechtbank verzocht om verbetering van het op 23 maart 2022 in deze zaak gewezen vonnis, in die zin dat de in rechtsoverweging 8.4 van het vonnis gemaakte berekening wordt verbeterd, door uit te gaan van 51 kalenderdagen in plaats van 41 kalenderdagen.
1.2.
De rechtbank heeft [eiseres] in de gelegenheid gesteld zich over dit verzoek uit te laten.
[eiseres] heeft van deze gelegenheid geen gebruik gemaakt.

2.De beoordeling

2.1.
De rechtbank is van oordeel dat in het vonnis van 23 maart 2022 sprake is van een kennelijke rekenfout, die zich voor eenvoudig herstel leent. De rechtbank zal het verzoek dan ook toewijzen als volgt.

3.De beslissing

De rechtbank
3.1.
bepaalt dat nr. 8.4. en 8.5. en 8.14.van het op 23 maart 2022 tussen [eiseres] en [gedaagde] gewezen vonnis, waar onder meer staat

8.4. [gedaagde] vordert schadevergoeding wegens te late oplevering. Tijdens de mondelinge behandeling is vastgesteld dat niet langer ter discussie staat dat de overeengekomen uiterste opleverdatum week 49 van 2016 is. Dat is de week die eindigt op 11 december 2016. Verder staat vast dat het werk pas op 18 april 2017 is opgeleverd. (…) De periode van overschrijding als bedoeld in artikel 15.6 van de TKSO loopt dus van 12 december 2016 tot en met 31 januari 2017. Dat zijn 41 kalenderdagen x € 500,00 = € 20.500,00
8.5. (…)
Deze schadevergoeding van € 20.500,00 zal worden toegewezen.
8.14.
De totaal toewijsbare hoofdsom in reconventie is dan € 124.999,10
wordt gewijzigd in
“ 8.4. [gedaagde] vordert schadevergoeding wegens te late oplevering. Tijdens de mondelinge behandeling is vastgesteld dat niet langer ter discussie staat dat de overeengekomen uiterste opleverdatum week 49 van 2016 is. Dat is de week die eindigt op 11 december 2016. Verder staat vast dat het werk pas op 18 april 2017 is opgeleverd. (…) De periode van overschrijding als bedoeld in artikel 15.6 van de TKSO loopt dus van 12 december 2016 tot en met 31 januari 2017. Dat zijn 51 kalenderdagen x € 500,00 = € 25.500,00
.
8.5.
Deze schadevergoeding van € 25.500,00 zal worden toegewezen.
8.14.
De totaal toewijsbare hoofdsom in reconventie is dan € 129.999,10.”
en bepaalt dat dientengevolge het dictum onder nr. 9.6. van het op 23 maart 2022 tussen [eiseres] en [gedaagde] gewezen vonnis, waar staat
“9.6.
veroordeelt [eiseres] om aan [gedaagde] te betalen een bedrag van € 124.999,10 (honderdvierentwintigduizend negenhonderdnegenennegentig euro en tien eurocent) vermeerderd met:
  • de wettelijke rente als bedoeld in art. 6:119 BW Pro over het bedrag van € 20.500,00 met ingang van 1 februari 2017 tot de dag van volledige betaling,
  • de wettelijke rente als bedoeld in art. 6:119 BW Pro over het bedrag van € 44.305,80 met ingang van 18 april 2018 tot de dag van volledige betaling,
  • de wettelijke rente als bedoeld in art. 6:119 BW Pro over het bedrag van € 44.305,80 met ingang van 18 april 2019 tot de dag van volledige betaling,”
wordt gewijzigd in
9.6. veroordeelt [eiseres] om aan [gedaagde] te betalen een bedrag van € 129.999,10 (honderdnegenentwintigduizend negenhonderdnegenennegentig euro en tien eurocent) vermeerderd met:
  • de wettelijke rente als bedoeld in art. 6:119 BW Pro over het bedrag van € 25.500,00 met ingang van 1 februari 2017 tot de dag van volledige betaling,
  • de wettelijke rente als bedoeld in art. 6:119 BW Pro over het bedrag van € 44.305,80 met ingang van 18 april 2018 tot de dag van volledige betaling,
  • de wettelijke rente als bedoeld in art. 6:119 BW Pro over het bedrag van € 44.305,80 met ingang van 18 april 2019 tot de dag van volledige betaling,”
3.2.
bepaalt dat deze verbetering onder de vermelding van de datum 4 mei 2022 wordt vermeld op de minuut van het vonnis van 23 maart 2022,
3.3.
gelast elk van partijen, voor zover zij dit niet reeds hebben gedaan, de ontvangen grosse dan wel het ontvangen afschrift van het vonnis van 23 maart 2022 na ontvangst van dit herstelvonnis aan de griffie van de rechtbank te retourneren.
Dit vonnis is gewezen door mr. D.J. van Maanen en in het openbaar uitgesproken op 4 mei 2022. [1]

Voetnoten

1.type: DvM (4098)