ECLI:NL:RBMNE:2022:663

Rechtbank Midden-Nederland

Datum uitspraak
24 februari 2022
Publicatiedatum
24 februari 2022
Zaaknummer
16/019290-21
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Proces-verbaal
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beslissing voorlopige hechtenis en contactvoorwaarden met kinderen in strafzaak

Op 24 februari 2022 heeft de rechtbank Midden-Nederland een beslissing genomen over verzoeken van de verdediging in een strafzaak betreffende voorlopige hechtenis en contactmomenten met kinderen.

De verdachte was niet aanwezig bij de zitting, maar zijn raadsvrouw had dit vooraf gemeld. De rechtbank oordeelde dat de ernstige bezwaren die tot de voorlopige hechtenis hebben geleid nog steeds aanwezig zijn en wees het verzoek tot opheffing van de hechtenis af. Ook het verzoek om de bijzondere voorwaarden van de schorsing op te heffen, zodat de verdachte volledig aan het gezinsleven kan deelnemen, werd afgewezen vanwege het hoge recidiverisico.

De rechtbank nam tevens kennis van een verklaring van een medewerker van Samen Veilig dat het goed gaat met de kinderen en dat er sprake is van een goede hechting. Daarom achtte de rechtbank uitbreiding van de contactmomenten niet noodzakelijk, zeker omdat extra contactmomenten onder toezicht van Allerzorg moeten blijven.

Ten slotte gaf de rechtbank aan dat partijen tijdens een geplande OTS-zitting met de kinderrechter op 7 maart 2022 kunnen spreken over de rol van een bijzondere curator. Daarna zal de meervoudige strafkamer een beslissing nemen over eventuele benoeming van een bijzondere curator. Het onderzoek werd vervolgens voor onbepaalde tijd geschorst.

Uitkomst: Verzoek tot opheffing voorlopige hechtenis en versoepeling contactvoorwaarden met kinderen is afgewezen.

Uitspraak

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Strafrecht
Zittingsplaats Utrecht
Parketnummer: 16/019290-21
Proces-verbaal van de in het openbaar gehouden terechtzitting van de meervoudige strafkamer op 24 februari 2022.
Tegenwoordig:
Mr. E.J. van Rijssen, rechter,
D.G.W. van de Haar-Kleijer, griffier.
Het Openbaar Ministerie wordt vertegenwoordigd door mr. H.J. Timmer, officier van justitie.
De voorzitter doet de zaak tegen na te noemen verdachte uitroepen.
Verdachte opgeroepen als:

[verdachte] ,

geboren op [1986] te [geboorteplaats] ,
ingeschreven in de Basisregistratie Personen op het adres [adres] , [woonplaats] ,
is NIET verschenen.
De rechter deelt mee dat de raadsvrouw van verdachte mr. S.C. Sassen, per e-mailbericht van 17 februari jl. heeft meegedeeld dat zij en verdachte niet in de gelegenheid zijn vandaag op de zitting aanwezig te zijn.
De rechter deelt mee dat vandaag ter zitting de beslissing van de rechtbank zal worden gegeven op de verzoeken van de verdediging met betrekking tot de voorlopige hechtenis. Met instemming van alle betrokkenen zal deze beslissing niet meervoudig, maar uitsluitend door de voorzitter van de meervoudige strafkamer worden uitgesproken.
De rechter deelt, als beslissing van de rechtbank, het volgende mee.
Ten aanzien van de voorlopige hechtenis
De stukken die van de zijde van de verdediging aan het dossier zijn toegevoegd geven aanleiding tot nader onderzoek en rapportage hierover door deskundigen. Hiertoe is dan ook door de rechtbank op de zitting van 17 februari 2022 opdracht gegeven. De rechtbank is van oordeel dat de ernstige bezwaren en gronden, die tot het verlenen van het bevel tot voorlopige hechtenis hebben geleid, ook nu nog aanwezig zijn.
Het verzoek tot opheffing van het bevel tot voorlopige hechtenis wordt afgewezen.
Subsidiair is door de verdediging verzocht de bijzondere voorwaarden verbonden aan de schorsing van de voorlopige hechtenis op te heffen, zodat verdachte weer volledig aan het gezinsleven kan deelnemen.
De rechtbank wijst dit verzoek eveneens af. Zoals hiervoor al overwogen zijn de ernstige bezwaren en gronden nog steeds aanwezig en weegt het recidiverisico zwaar. Schrappen van de bijzondere voorwaarden zou, naar het oordeel van de rechtbank, dit risico vergroten.
Bovendien is op de zitting van 17 februari 2022 door de medewerker van Samen Veilig verklaart dat het goed gaat met de kinderen en dat sprake is van een goede hechting. De situatie van de kinderen dwingt niet tot uitbreiding van de contactmomenten.
In de schorsingsbeschikking is bepaald op welke momenten verdachte is het gezin aanwezig is, begeleid door Allerzorg dan wel vader of (schoon)moeder. Van de zijde van de verdediging is geen verzoek gedaan tot uitbreiding van dit contact voor een specifiek(e) dag(deel). Dat maakt het voor de rechtbank lastig om te bepalen dat aan de bestaande contactmomenten een specifiek dagdeel toegevoegd dient te worden. Zo’n moment zou immers niet of lastig inpasbaar kunnen zijn in de gezinsplanning. Bovendien is de rechtbank van oordeel dat extra contactmomenten eveneens onder toezicht van Allerzorg dienen plaats te vinden.
Gelet hierop zal de rechtbank dan ook dit moment niet tot uitbreiding van de contactmomenten overgaan.
Ten aanzien van de bijzondere curator
Onder verwijzing van hetgeen hierover is besproken op de zitting van 17 februari 2022 deelt de rechter mee dat partijen hierover op de geplande OTS-zitting van 7 maart aanstaande met de kinderrechter, in de functie van gedelegeerd rechter-commissaris, in gesprek kunnen gaan en hun visie hierop kunnen geven.
Na deze OTS-zitting zal de meervoudige strafkamer een beslissing nemen over de vraag of een bijzondere curator dient te worden benoemd en, indien die vraag positief wordt beantwoord, tot benoeming overgaan.

De rechtbank schorst het onderzoek vervolgens voor onbepaalde tijd.

Waarvan is opgemaakt dit proces-verbaal, dat door de voorzitter en de griffier is vastgesteld en ondertekend.