ECLI:NL:RBMNE:2022:706
Rechtbank Midden-Nederland
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Verzoek voorlopige voorziening afgewezen wegens niet-betaling griffierecht
Verzoekers hebben bij de voorzieningenrechter een verzoek ingediend om een voorlopige voorziening te treffen, waaronder uitstel van betaling en volledige inzage in het dossier met betrekking tot aanslagen.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek beoordeeld op basis van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). Volgens artikel 8:82 Awb Pro moet bij een verzoek om voorlopige voorziening griffierecht worden betaald. Verzoekers zijn door de griffier aangetekend verzocht het griffierecht binnen twee weken te voldoen, maar zij hebben dit niet gedaan en geen verontschuldiging gegeven voor het verzuim.
Daarom heeft de voorzieningenrechter het verzoek op grond van artikel 8:82, derde lid, Awb in samenhang met artikel 8:41, zesde lid, Awb niet-ontvankelijk verklaard. Tegen deze beslissing is geen hoger beroep mogelijk.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening is niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-betaling van het griffierecht.