ECLI:NL:RBMNE:2022:744
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep na intrekking besluit en toekenning proceskosten
Eiser diende bezwaar in tegen een besluit van 4 juni 2020 en vervolgens beroep tegen een besluit van 29 oktober 2020. Verweerder trok het besluit van 29 oktober 2020 op 27 november 2020 in, waarmee het geschil feitelijk kwam te vervallen.
Hoewel eiser het beroep niet introk, had hij geen procesbelang meer bij de beoordeling van het beroep. De rechtbank besloot het beroep niet-ontvankelijk te verklaren en behandelde de inhoudelijke zaak niet.
Daarnaast verzocht eiser om vergoeding van zijn proceskosten. Verweerder reageerde niet op dit verzoek, waaruit de rechtbank concludeerde dat verweerder geen bezwaar had tegen vergoeding. Daarom werd verweerder veroordeeld tot betaling van €759,- aan proceskosten en het griffierecht.
De uitspraak werd gedaan door rechter J.G. Nicholson en griffier J. Fagel op 4 maart 2022, zonder zitting, conform artikel 8:54 Awb Pro.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard en verweerder wordt veroordeeld tot betaling van €759,- aan proceskosten.