ECLI:NL:RBMNE:2022:759
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak medeplichtigheid bij gewapende overval op winkel in Almere
De rechtbank Midden-Nederland heeft op 1 maart 2022 uitspraak gedaan in de zaak tegen verdachte, die werd verdacht van medeplichtigheid aan een gewapende overval op een winkel in Almere op 2 april 2019. De tenlastelegging betrof het medeplegen van een overval waarbij geweld en bedreiging met geweld werden gebruikt om geld af te dwingen.
Tijdens de terechtzitting op 15 februari 2022 zijn de standpunten van de officier van justitie en de verdediging gehoord. Zowel de officier van justitie als de verdediging hebben vrijspraak bepleit, omdat uit het dossier niet wettig en overtuigend blijkt dat verdachte strafbare betrokkenheid heeft gehad bij de overval.
De rechtbank heeft geoordeeld dat de verdenking onvoldoende is onderbouwd en verklaart het tenlastegelegde niet bewezen. Verdachte wordt daarom vrijgesproken. Daarnaast is de benadeelde partij, die een vordering tot immateriële schadevergoeding van €5.000,- had ingediend, niet-ontvankelijk verklaard omdat de verdachte is vrijgesproken. De benadeelde partij wordt veroordeeld in de kosten van de verdediging, welke tot op heden nihil zijn.
De uitspraak is gewezen door mr. H. den Haan, voorzitter en kinderrechter, en mrs. R.B. Eigeman en J. van Zeijts, rechters.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken van medeplichtigheid aan de gewapende overval en de benadeelde partij is niet-ontvankelijk verklaard in haar vordering.