Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.ONDERZOEK TER TERECHTZITTING
2.TENLASTELEGGING
3.VOORVRAGEN
4.WAARDERING VAN HET BEWIJS
[de rechtbank begrijpt: aangeefster [slachtoffer 2] ]welke ook aan de voorzijde van de winkel stond, bij haar haren werd gegrepen door een andere jongen.
[de rechtbank begrijpt: aangeefster [slachtoffer 3] ]opende op de begane grond met een drukknopje de deur welke weer toegang geeft tot de winkel. Ik denk dat NN2 bij deze deur bleef staan en zag dat NN1 met [slachtoffer 3] en mij naar de kassa's van de klantenservice liepen. Ik opende vanaf de ingang gezien de meest rechterkassa. Ik zag dat [slachtoffer 3] de kassa hiernaast opende. Ik zag dat NN1 aan de andere kant van de toonbank stond en een plastic tas open vasthield naast de toonbank zodat het geld er in geschoven kon worden.
[de rechtbank begrijpt: aangeefster [slachtoffer 2] ]stond met een man. Ik zag dat de man aan haar haren trok en ik zag dat [slachtoffer 2] zich probeerde los te rukken.
5.BEWEZENVERKLARING
6.STRAFBAARHEID VAN HET FEIT
7.STRAFBAARHEID VAN VERDACHTE
8.OPLEGGING VAN STRAF
9.BENADEELDE PARTIJ
10.TOEPASSELIJKE WETTELIJKE VOORSCHRIFTEN
11.BESLISSING
jeugddetentievan
4 maanden;
niet zal worden ten uitvoer gelegd, tenzijde rechter later anders gelast op grond van het feit dat verdachte de hierna te melden algemene voorwaarde niet heeft nageleefd;
proeftijdvan
1 (één) jaarvast;
taakstraf bestaande uit een werkstraf van 120 uren;