ECLI:NL:RBMNE:2022:803
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen omgevingsvergunning voor woningbouw op voormalig recreatiepark
De zaak betreft een beroep van een buurman tegen het besluit van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Stichtse Vecht om een omgevingsvergunning te verlenen voor het bouwen van een woning op een voormalig recreatiepark. De vergunning houdt ook een afwijking van het bestemmingsplan in.
De eiser stelt dat de fundering niet voldoet aan het Bouwbesluit 2012 en vreest schade door het heien van palen. Daarnaast maakt hij zich zorgen over de brandveiligheid van omliggende chalets en over de bouwhoogte die afwijkt van het bestemmingsplan, waardoor zijn uitzicht en zonlicht worden aangetast.
De rechtbank oordeelt dat het college de aanvraag overeenkomstig de wettelijke voorschriften heeft getoetst, waaronder de latere goedkeuring van de fundering. De brandveiligheid is beoordeeld door de veiligheidsregio en voldoet aan de regelgeving. De afwijking in bouwhoogte is binnen de binnenplanse vrijstelling en het college heeft een redelijke belangenafweging gemaakt waarbij het belang van de vergunninghoudster zwaarder weegt dan dat van de eiser.
De rechtbank wijst het beroep af en ziet geen aanleiding voor een voorlopige voorziening of proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen de omgevingsvergunning wordt ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen.