ECLI:NL:RBMNE:2022:819
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering schadevergoeding wegens onvoldoende onderbouwde instructies bij bronnering
In deze civiele zaak vordert eiseres schadevergoeding van gedaagde wegens vermeende schade aan een persleiding tijdens bronneringswerkzaamheden. Eiseres stelt dat gedaagde de bronnering niet conform instructies heeft aangelegd, wat heeft geleid tot schade. Gedaagde betwist de instructie en stelt dat partijen een andere werkwijze zijn overeengekomen.
De kantonrechter beoordeelt de bewijsvoering en concludeert dat eiseres onvoldoende heeft onderbouwd dat de instructie tot het parallel aan de heg leggen van de bronnering is gegeven en geschonden. De verklaringen van gedaagde en diens medewerkers wegen zwaarder dan de indirecte verklaringen van eiseres. Hierdoor wordt de vordering tot schadevergoeding afgewezen.
In reconventie vordert gedaagde betaling van haar factuur voor de bronneringswerkzaamheden. Eiseres betwist dubbele facturering, maar kan dit niet onderbouwen. De rechtbank wijst de vordering toe en veroordeelt eiseres tot betaling van de factuur, wettelijke rente, incassokosten en proceskosten.
De rechtbank veroordeelt eiseres tevens tot betaling van de proceskosten van gedaagde in zowel conventie als reconventie. Het vonnis is uitgesproken door kantonrechter V. van Dam op 2 maart 2022.
Uitkomst: De vordering tot schadevergoeding wordt afgewezen en eiseres wordt veroordeeld tot betaling van de factuur, rente, incassokosten en proceskosten aan gedaagde.