Uitspraak
[eiser] , uit [woonplaats] , eiser
de minister voor Rechtsbescherming,
Inleiding
Beslissing
Beoordeling door de voorzieningenrechter
Het subjectieve criterium
Rechtbank Midden-Nederland
Eiser heeft een Verklaring Omtrent het Gedrag (VOG) aangevraagd voor een functie als begeleider bij een zorgbedrijf. De minister weigerde de VOG op grond van een recente veroordeling voor drugshandel binnen de terugkijktermijn van vier jaar. Eiser betwistte alleen het subjectieve criterium, stellende dat zijn persoonlijke belangen zwaarder zouden moeten wegen dan het maatschappelijk belang bij weigering.
De voorzieningenrechter oordeelde dat de minister terecht het belang van de samenleving zwaarder heeft gewogen. De minister heeft gemotiveerd dat het tijdsverloop sinds de veroordeling te kort is om het risico voldoende te hebben doen afnemen, mede omdat eiser pas kort in de zorg heeft gewerkt en nog in proeftijd is. Ook de opgelegde straf en het verbod om met minderjarigen te werken wegen zwaar mee.
De voorzieningenrechter concludeerde dat de belangenafweging in het voordeel van de minister uitvalt. Het beroep tegen de afwijzing van de VOG is ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening is afgewezen. Eiser krijgt geen vergoeding van griffierecht of proceskosten. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de VOG is ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen.