ECLI:NL:RBMNE:2023:1490
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs aanranding en ontucht minderjarige door leerkracht
De rechtbank Midden-Nederland behandelde op 5 april 2023 de zaak tegen een verdachte die werd verdacht van aanranding en ontucht met een minderjarige die aan zijn zorg was toevertrouwd. De tenlastelegging betrof twee incidenten in mei en juni 2021 waarbij verdachte als leerkracht en/of mentor zou hebben gehandeld.
Tijdens de terechtzitting op 22 maart 2023 werden de standpunten van de officier van justitie, de verdediging en de benadeelde partij besproken. De officier van justitie achtte het bewijs wettig en overtuigend, terwijl de verdediging vrijspraak bepleitte vanwege inconsistenties en onbetrouwbaarheid in de verklaringen van het slachtoffer en een getuige.
De rechtbank oordeelde dat de verklaringen van het slachtoffer en de getuige onderling inconsistent en beperkt betrouwbaar waren, mede door aantoonbare onjuistheden en psychische problematiek van de betrokkenen. Er was geen ander objectief bewijs dat de verklaringen ondersteunde. Ondanks twijfelachtige gedragingen van verdachte, was dit onvoldoende om tot een bewezenverklaring te komen.
Daarom sprak de rechtbank verdachte vrij van de tenlastegelegde feiten. Tevens verklaarde zij de benadeelde partij niet-ontvankelijk in haar vordering tot schadevergoeding, omdat verdachte werd vrijgesproken. De kosten van de procedure werden begroot op nihil.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken van aanranding en ontucht wegens onvoldoende betrouwbaar bewijs.