Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit door de Belastingdienst op haar aanvraag tot herbeoordeling van de kinderopvangtoeslag van 15 januari 2021. De rechtbank stelt vast dat de beslistermijn is overschreden en dat eiseres tijdig beroep heeft ingesteld na ingebrekestelling.
De rechtbank bepaalt dat de Belastingdienst alsnog binnen twee weken na verzending van de uitspraak een besluit moet nemen. Hoewel de Belastingdienst om een langere termijn van dertien weken verzocht, acht de rechtbank dit gezien het grote aantal aanvragen en complexiteit een bijzonder geval, maar stelt zij een standaardtermijn van twaalf weken vast die inmiddels is verstreken.
Daarom geldt nu de wettelijke termijn van twee weken. Voor elke dag overschrijding moet de Belastingdienst een dwangsom van €100 betalen, met een maximum van €15.000. Tevens wordt de proceskostenvergoeding van €418,50 toegekend en het betaalde griffierecht van €50 vergoed aan eiseres.