Uitspraak
uitspraak van de voorzieningenrechter van 24 maart 2023 in de zaak tussen
[verzoekster] , uit [woonplaats] , verzoekster
Inleiding
Beoordeling door de voorzieningenrechter
Conclusie en gevolgen
24 maart 2023.
Rechtbank Midden-Nederland
In deze zaak heeft de voorzieningenrechter van de Rechtbank Midden-Nederland op 24 maart 2023 uitspraak gedaan over een verzoek om een voorlopige voorziening tegen voorgenomen openbaarmakingen die op 14 februari 2023 in de Staatscourant zijn gepubliceerd.
De voorzieningenrechter oordeelde dat het verzoek kennelijk niet-ontvankelijk is omdat het connexiteitsvereiste van artikel 8:81 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb) niet is vervuld. Dit vereiste houdt in dat er een verband moet zijn tussen het verzoek en een besluit in de zin van artikel 1:3 Awb Pro. In deze fase was er echter nog geen sprake van een besluit, noch van een bezwaar- of beroepsprocedure. Verweerder had betrokkenen wel de gelegenheid gegeven hun zienswijze kenbaar te maken, waarna pas een besluit over de openbaarmaking zal worden genomen.
Gezien het voorlopige karakter van de voorziening en het ontbreken van een besluit, kon de voorzieningenrechter het verzoek niet inhoudelijk behandelen. Er was ook geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan zonder zitting en bindt de rechtbank niet in een eventueel bodemgeding.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening is niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van het connexiteitsvereiste.