ECLI:NL:RBMNE:2023:1631

Rechtbank Midden-Nederland

Datum uitspraak
11 april 2023
Publicatiedatum
11 april 2023
Zaaknummer
C/16/553168 / KL ZA 23-56 / 5340
Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Verstek
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 3:299 BWArt. 6:119 BWArt. 5 Handelsnaamwet
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Toewijzing vordering wegens onrechtmatig gebruik handelsnaam en misbruik naam eiseres

In deze kortgedingprocedure vordert eiseres, een besloten vennootschap, maatregelen tegen gedaagden die zich bij derden hebben voorgedaan als eiseres en haar naam misbruiken. Gedaagden verschenen niet in de procedure, waardoor verstek werd verleend.

De voorzieningenrechter acht het aannemelijk dat gedaagden onrechtmatig hebben gehandeld door zich voor te doen als eiseres, waaronder het gebruik van een vrijwel identieke handelsnaam, inschrijving op hetzelfde adres, en het plaatsen van onbetaalde bestellingen onder de naam van eiseres. Dit heeft geleid tot reputatieschade voor eiseres.

De rechtbank veroordeelt gedaagden hoofdelijk tot het wijzigen van hun statutaire en handelsnaam, het uitschrijven van de domeinnaam van eiseres uit de registers van SIDN, en het onthouden van het gebruik van de naam in e-mailadressen. Tevens wordt eiseres gemachtigd om de domeinnaam zelf te laten uitschrijven bij verzuim. De bestuurder van gedaagde sub 1 wordt persoonlijk ernstig verwijtbaar geacht. Proceskosten worden aan gedaagden opgelegd. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.

Uitkomst: Gedaagden worden veroordeeld tot naamswijziging, verwijdering domeinnaam en onthouding van gebruik van naam, met veroordeling in proceskosten.

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Civiel recht
handelskamer
locatie Lelystad
zaaknummer / rolnummer: C/16/553168 / KL ZA 23-56 / 5340
Vonnis in kort geding van 11 april 2023
in de zaak van
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
[eiseres] B.V.,
gevestigd te [vestigingsplaats 1] ,
eiseres,
advocaat mr. R.W. de Bruin te Enschede,
tegen
1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
[gedaagde sub 1] B.V.,
2. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
[gedaagde sub 2] B.V.,
beiden gevestigd te [vestigingsplaats 2] ,
gedaagden,
niet verschenen.
Eiseres wordt hierna [eiseres] genoemd. Gedaagden tezamen worden [gedaagde sub 1] c.s. genoemd (in vrouwelijk enkelvoud) en ieder afzonderlijk [gedaagde sub 1] en [gedaagde sub 2] .

1.De procedure

1.1.
[eiseres] heeft [gedaagde sub 1] c.s. gedagvaard in kort geding en opgeroepen te verschijnen op de mondelinge behandeling van 28 maart 2023. Vervolgens heeft [eiseres] een akte met producties 1 t/m 12 ingediend. [gedaagde sub 1] c.s. heeft per e-mailbericht op 28 maart 2023 om 00:57 uur aan de voorzieningenrechter en [eiseres] laten weten dat zij wegens ziekte van haar (middellijk) bestuurder, de heer [A] , niet kan verschijnen op de mondelinge behandeling en zij heeft de voorzieningenrechter verzocht de zaak aan te houden. De voorzieningenrechter heeft [gedaagde sub 1] c.s. verzocht het uitstelverzoek te onderbouwen (met bijvoorbeeld een doktersverklaring). De voorzieningenrechter heeft op de mondelinge behandeling geconstateerd dat [gedaagde sub 1] c.s. geen nadere onderbouwing heeft ingediend en het verzoek tot aanhouding van de zaak afgewezen. Verder heeft de voorzieningenrechter vastgesteld dat namens [gedaagde sub 1] c.s. niemand in de procedure is verschenen, terwijl zij wel op juiste wijze is opgeroepen. Om die reden wordt tegen [gedaagde sub 1] c.s. verstek verleend. [eiseres] heeft op de mondelinge behandeling een pleitnota overgelegd en de voorzieningenrechter heeft de zaak met haar besproken. De griffier heeft daarvan aantekeningen gemaakt.
1.2.
Ten slotte is vonnis bepaald.

2.Waar gaat de zaak over?

2.1.
Volgens [eiseres] maakt [gedaagde sub 1] inbreuk op de door haar gevoerde handelsnaam, heeft [gedaagde sub 1] zich voorgedaan als [eiseres] en onrechtmatige handelingen verricht, waardoor zij (reputatie)schade lijdt. Zij heeft [gedaagde sub 1] c.s. schriftelijk verzocht een einde te maken aan de onrechtmatige handelingen en de naam te wijzigen. [gedaagde sub 1] heeft daarop schriftelijk de gestelde onrechtmatige handelingen tegenover [eiseres] ontkend, maar wel toegezegd haar naam te zullen wijzigen. Volgens [eiseres] is dat tot op heden nog niet gebeurd.
2.2.
[eiseres] heeft [gedaagde sub 1] en haar enig bestuurder [gedaagde sub 2] gedagvaard in een kortgedingprocedure en maatregelen gevorderd om een einde te maken aan de door haar gestelde onrechtmatige gedragingen van [gedaagde sub 1] c.s. Omdat [gedaagde sub 1] c.s. niet is verschenen in de procedure, is tegen haar verstek verleend. Dit brengt met zich dat de voorzieningenrechter de vorderingen van [eiseres] beoordeelt op basis van de stellingen en stukken van [eiseres] .
2.3.
De vorderingen van [eiseres] komen de voorzieningenrechter niet onrechtmatig of ongegrond voor en zullen daarom worden toegewezen op de wijze zoals in de beslissing is vermeld. Hieronder wordt kort toegelicht hoe de voorzieningenrechter tot dit oordeel is gekomen.

3.De beoordeling

Onrechtmatige daad

3.1.
[eiseres] stelt dat [gedaagde sub 1] onrechtmatig heeft gehandeld tegenover haar door zich voor te doen als [eiseres] bij derden en misbruik te maken van de naam [eiseres] . Dit is volgens de voorzieningenrechter voldoende aannemelijk geworden. Het is eveneens voldoende aannemelijk geworden dat de onrechtmatige handelswijze van [gedaagde sub 1] (de goede naam en reputatie van) [eiseres] schaadt. Dit volgt uit de met stukken onderbouwde stellingen van [eiseres] , waartegen geen verweer is gevoerd, waardoor het volgende voldoende aannemelijk is geworden.
a. De vennootschap [gedaagde sub 1] is op 31 oktober 2022 opgericht, met als enig aandeelhouder tevens enig bestuurder, [gedaagde sub 2] . De statutaire naam [gedaagde sub 1] , die zij ook als handelsnaam gebruikt, is vrijwel identiek aan de (handels)naam van de vennootschap [eiseres] die op 12 juni 2017 is opgericht.
b. [gedaagde sub 1] heeft zich ingeschreven in het handelsregister van de Kamer van Koophandel (KVK) op hetzelfde kantooradres als [eiseres] en heeft zich in hetzelfde kantoorverzamelgebouw als [eiseres] gevestigd.
c. [gedaagde sub 1] heeft zich - zonder medeweten of toestemming van [eiseres] - in de periode rondom haar oprichting bij meerdere partijen (leveranciers) voorgedaan als [eiseres] , door onder andere de naam [eiseres] zonder spatie, de naam van de bestuurder van [eiseres] , het KVK-nummer van [eiseres] , een KVK-uittreksel van [eiseres] en/of de naam [eiseres] zonder spatie in haar logo te gebruiken. Deze partijen zijn benaderd met het e-mailadres [.] @ [eiseres] .nl dat door [gedaagde sub 1] wordt gebruikt.
d. [gedaagde sub 1] heeft met het e-mailadres [.] @ [eiseres] .nl in elk geval bij een van de leveranciers producten besteld onder de naam [eiseres] . De producten zijn onbetaald gebleven, waarna [eiseres] een aanmaning ontving van € 13.729,19 voor de producten.
3.2.
De handelswijze zoals onder 3.1 weergegeven lijdt ertoe dat de voorzieningenrechter de door [eiseres] gevorderde maatregelen tegen de onrechtmatige gedragingen zal toewijzen en [gedaagde sub 1] zal veroordelen:
haar statutaire en handelsnaam te wijzigen, zodanig dat daar niet langer het woord [eiseres] in voorkomt;
de domeinnaam [eiseres] .nl uit de registers bij SIDN uit te schrijven;
zich te onthouden van het gebruik van de extensie [eiseres] in e-mailadressen.
De voorzieningenrechter zal eveneens de door [eiseres] gevorderde dwangsommen toewijzen, als prikkel tot nakoming, maar wel gemaximeerd tot de bedragen zoals in de beslissing vermeld.
3.3.
De vraag of [gedaagde sub 1] inbreuk maakt op de handelsnaam van [eiseres] in de zin van artikel 5 van Pro de Handelsnaamwet kan onbeantwoord blijven, aangezien de vorderingen genoemd onder 3.2 op grond van onrechtmatige daad zijn toegewezen.
Machtiging ex artikel 3:299 BW Pro
3.4.
Uit de met stukken onderbouwde stelling van [eiseres] , die niet is weersproken door [gedaagde sub 1] c.s., volgt dat [gedaagde sub 1] toezeggingen doet aan [eiseres] die zij vervolgens niet nakomt. De rechtbank zal om die reden op grond van artikel 3:299 van Pro het Burgerlijk Wetboek (BW) de gevorderde machtiging toewijzen en [eiseres] machtigen de domeinnaam [eiseres] .nl te laten uitschrijven uit de registers van SIDN, wanneer [gedaagde sub 1] daarmee in verzuim is.
De bestuurder [gedaagde sub 2] treft persoonlijk een ernstig verwijt
3.5.
Het is voldoende aannemelijk geworden dat de enig bestuurder van [gedaagde sub 1] , te weten [gedaagde sub 2] , persoonlijk ernstig verwijtbaar gehandeld heeft tegenover [eiseres] . Uit het bovenstaande is namelijk voldoende aannemelijk geworden dat de 100% dochtervennootschap [gedaagde sub 1] met geen ander doel is opgericht dan zich voor te doen als [eiseres] en misbruik daarvan te maken door onder andere bestellingen bij derden te plaatsen. Om die reden wordt ook de vordering om [gedaagde sub 2] als bestuurder te veroordelen zorg te dragen voor de naamswijziging van [gedaagde sub 1] , toegewezen.
Proceskosten
3.6.
[gedaagde sub 1] c.s. zal als de in het ongelijk gestelde partij hoofdelijk in de proceskosten worden veroordeeld. De kosten aan de zijde van [eiseres] worden begroot op:
- betekening oproeping € 111,93
- griffierecht € 676,00
- salaris advocaat €
697,00
Totaal € 1.484,93
3.7.
De gevorderde veroordeling in de nakosten is toewijsbaar voor zover deze kosten op dit moment kunnen worden begroot. De nakosten zullen dan ook worden toegewezen op de wijze zoals in de beslissing vermeld.

4.De beslissing

De voorzieningenrechter
4.1.
veroordeelt [gedaagde sub 1] c.s. hoofdelijk om binnen twee weken na betekening van het vonnis de statutaire en handelsnaam van [gedaagde sub 1] te wijzigen, zodanig dat daar niet langer het woord [eiseres] in voor komt, op straffe van verbeurte van een dwangsom van € 1.000,00 voor iedere dag dat [gedaagde sub 1] hieraan niet voldoet, tot een maximum van € 100.000,00,
4.2.
veroordeelt [gedaagde sub 1] om binnen 3 werkdagen na betekening van het vonnis de domeinnaam [eiseres] .nl uit te schrijven uit de registers van SIDN, op straffe van verbeurte van een dwangsom van € 1.000,00 voor iedere dag dat [gedaagde sub 1] hieraan niet voldoet, tot een maximum van € 100.000,00,
4.3.
machtigt [eiseres] om de domeinnaam [eiseres] .nl uit de registers van SIDN te laten uitschrijven, als [gedaagde sub 1] hiermee in verzuim is,
4.4.
veroordeelt [gedaagde sub 1] zich te onthouden van het gebruik van de extensie [eiseres] in e-mailadressen, op straffe van verbeurte van een dwangsom van € 1.000,00 voor iedere dag dat [gedaagde sub 1] hieraan niet voldoet, tot een maximum van € 100.000,00,
4.5.
veroordeelt [gedaagde sub 1] c.s. hoofdelijk in de proceskosten, aan de zijde van [eiseres] tot op heden begroot op € 1.484,93, te vermeerderen met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW Pro over dit bedrag met ingang van 14 dagen na betekening van dit vonnis tot de dag van volledige betaling,
4.6.
veroordeelt [gedaagde sub 1] c.s. hoofdelijk, onder de voorwaarde dat [gedaagde sub 1] c.s. niet binnen 14 dagen na aanschrijving aan het vonnis heeft voldaan, in de na dit vonnis ontstane kosten, begroot op:
  • € 173,00 aan salaris advocaat,
  • te vermeerderen, indien betekening van de uitspraak heeft plaatsgevonden, met een bedrag van € 90,00 aan salaris advocaat en de explootkosten van betekening van de uitspraak,
  • te vermeerderen met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW Pro over de nakosten met ingang van veertien dagen na de betekening van dit vonnis tot de dag van volledige betaling,
4.7.
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad,
4.8.
wijst het meer of anders gevorderde af.
Dit vonnis is gewezen door mr. J.A. Schuman en in het openbaar uitgesproken op 11 april 2023.