Eiser heeft beroep ingesteld tegen een uitspraak op bezwaar van de gemeente Amersfoort. De rechtbank heeft echter vastgesteld dat het griffierecht van €50,- niet (op tijd) door eiser is betaald, ondanks een aangetekende aanmaning. Omdat eiser geen geldige reden heeft gegeven voor het niet betalen, is het beroep kennelijk niet-ontvankelijk verklaard.
De rechtbank heeft partijen niet uitgenodigd voor een zitting, omdat de procedure niet inhoudelijk kon worden behandeld. Er is ook geen vergoeding van proceskosten toegekend. De uitspraak is gedaan door rechter R.C. Stijnen en griffier P.W. Hogenbirk, waarbij de griffier verhinderd was de uitspraak te ondertekenen.
Eiser wordt gewezen op de mogelijkheid om binnen zes weken na verzending van deze uitspraak een verzetschrift in te dienen, waarin hij kan aangeven waarom hij het niet eens is met de beslissing en eventueel een zitting kan verzoeken.