ECLI:NL:RBMNE:2023:1662

Rechtbank Midden-Nederland

Datum uitspraak
17 maart 2023
Publicatiedatum
11 april 2023
Zaaknummer
UTR 22/4470
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Bestuursrecht
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:41 AwbArt. 8:54 Awb
Verwijzingen
3 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verzoek om proceskostenvergoeding afgewezen wegens niet-betaling griffierecht

De zaak betreft een verzoek van het Ministerie van Defensie tegen de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen. Verzoekster had beroep ingesteld tegen een beslissing op bezwaar, maar trok dit beroep in nadat verweerder een gewijzigde beslissing op bezwaar nam.

Verzoekster diende vervolgens een verzoek in tot vergoeding van proceskosten. De rechtbank stelde vast dat het griffierecht van €365,- niet tijdig was betaald, ondanks een aangetekende aanmaning. Zonder tijdige betaling van het griffierecht kan de rechtbank het verzoek niet inhoudelijk behandelen.

Omdat verzoekster geen geldige reden gaf voor de niet-betaling, verklaarde de rechtbank het verzoek kennelijk niet-ontvankelijk. Er is daarom geen inhoudelijke beoordeling van het verzoek gedaan en ook geen proceskostenvergoeding toegekend.

Uitkomst: Verzoek om proceskostenvergoeding wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-betaling van het griffierecht.

Uitspraak

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Zittingsplaats Utrecht
Bestuursrecht
Zaaknummer: UTR 22/4470

uitspraak van de enkelvoudige kamer van 17 maart 2023 in de zaak tussen

Ministerie van Defensie, te Den Haag, verzoekster,

(gemachtigde: mr. K. Gomes)
en
de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen,verweerder.

Procesverloop

Deze uitspraak gaat over het beroep dat verzoekster heeft ingediend tegen de beslissing op bezwaar van verweerder van 22 juli 2022.
Op 15 november 2022 heeft verweerder een gewijzigde beslissing op bezwaar genomen. Daarop heeft verzoekster haar beroep ingetrokken met het verzoek verweerder te veroordelen voor de proceskosten.

Overwegingen

1. De rechtbank nodigt partijen niet uit voor een zitting, omdat dat in deze zaak niet nodig is. Verzoekster heeft namelijk het griffierecht niet (op tijd) betaald, waardoor de rechtbank de zaak niet inhoudelijk kan behandelen. Hieronder legt de rechtbank dat verder uit.
2. Iemand die in beroep gaat moet griffierecht betalen. Dit staat in artikel 8:41, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). In dit geval is het griffierecht € 365,-.
3. Als het griffierecht niet (op tijd) wordt betaald is de hoofdregel dat de rechtbank het beroep of verzoek niet inhoudelijk mag behandelen. Soms is dat anders. Dan is er een geldige reden waarom het griffierecht niet door de rechtbank is ontvangen. Het gaat dan om omstandigheden waar verzoekster niets aan kan doen.
4. De rechtbank heeft verzoekster op 5 januari 2023 een aangetekende brief gestuurd, waarin staat dat verzoekster het griffierecht binnen vier weken moet betalen aan de rechtbank.
5. De rechtbank heeft het bedrag niet (op tijd) ontvangen. Verzoekster heeft daar geen geldige reden voor gegeven.
6. Het verzoek is kennelijk niet-ontvankelijk (artikel 8:54 Awb Pro). Het verzoek zal niet inhoudelijk worden behandeld.
7. Van een vergoeding van de proceskosten is geen sprake.

Beslissing

De rechtbank verklaart het verzoek niet-ontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan door mr. R.C. Stijnen, rechter, in aanwezigheid van
P.W. Hogenbirk griffier
.De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 17 maart 2023.
de griffier is verhinderd
de uitspraak te ondertekenenrechter
Afschrift verzonden aan partijen op:

Bent u het niet eens met deze uitspraak?

Als u het niet eens bent met deze uitspraak kunt u een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen 6 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum op de stempel die hierboven staat. Als u graag een zitting wilt waarbij u persoonlijk uw mening aan de rechter kunt geven, kunt u dit in uw verzetschrift aangeven.