Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.De procedure
- de dagvaarding met 4 producties
- de mondelinge behandeling op 7 april 2023.
2.Waar gaat dit kort geding over?
3.Het geschil
4.De beoordeling
697,00(tarief eenvoudig kort geding)
Rechtbank Midden-Nederland
Eiser is eigenaar van een woning waarop een eerste hypotheekrecht van de Volksbank rust. De Volksbank heeft de relatie met eiser in de zomer van 2022 beëindigd na een veiligheidsonderzoek en het vermoeden dat de woning zonder toestemming werd verhuurd. Op basis van artikel 3:268 BW Pro gaf de Volksbank opdracht tot veiling van de woning op 11 april 2023.
Eiser verzocht via een kort geding om opschorting van de veiling, stellende dat hij in staat is het openstaande bedrag en veilingkosten te voldoen. Hij overhandigde documenten, waaronder een employee loan agreement en een stuk van ADCB, waaruit zou blijken dat het bedrag op tijd wordt betaald.
De voorzieningenrechter oordeelt dat de stukken onvoldoende gewicht hebben. Onduidelijkheid bestaat over de reden en voorwaarden van de lening, de daadwerkelijke betaling op de datum van veiling en de uitkomst van het Wwft-onderzoek dat de Volksbank moet uitvoeren. De Volksbank heeft bovendien toegezegd de gunningstermijn in acht te nemen, waardoor eiser nog kans heeft de woning te behouden.
De belangen van de Volksbank bij executie van haar recht wegen zwaarder dan de belangen van eiser. Daarom wordt de vordering afgewezen en wordt eiser veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vordering tot opschorting van de veiling wordt afgewezen en eiser wordt veroordeeld in de proceskosten.