Eiser heeft bezwaar gemaakt tegen de afwijzing van compensatie kinderopvangtoeslag over 2008 en 2009. Verweerder heeft niet tijdig op deze bezwaren beslist, ondanks verlengingen van de beslistermijn. De rechtbank oordeelt dat de ingebrekestelling niet prematuur was en dat verweerder in gebreke is gebleven.
De rechtbank bepaalt dat verweerder binnen twee weken na verzending van de uitspraak alsnog een besluit moet nemen, waarbij een dwangsom van €100 per dag geldt bij overschrijding, met een maximum van €15.000. Tevens wordt verweerder veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van eiser en het betaalde griffierecht.
De rechtbank erkent de complexiteit van de herbeoordelingen en de grote hoeveelheid aanvragen, maar acht de termijn van twee weken passend gezien de reeds verstreken termijnen. Het beroep wordt gegrond verklaard, het niet tijdig beslissen vernietigd en verweerder opgedragen alsnog te beslissen.