Eiser is in beroep gegaan tegen het niet tijdig nemen van een besluit op zijn aanvraag bij de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijkrelaties. Op 9 december 2022 heeft de verweerder alsnog een besluit genomen, waarop eiser bezwaar heeft gemaakt. De rechtbank heeft het beroep tegen dit besluit doorgezonden naar de verweerder om als bezwaar te behandelen.
De rechtbank overweegt dat het beroep alleen ziet op het niet tijdig nemen van een besluit. Nu verweerder een besluit heeft genomen, is het doel van het beroep bereikt en is het beroep tegen het niet tijdig beslissen niet-ontvankelijk verklaard. Het feit dat eiser het niet eens is met de inhoud van het besluit en stelt dat niet op alle informatie is ingegaan, kan in bezwaar worden behandeld.
De rechtbank ziet geen aanleiding tot het opleggen van proceskosten en wijst erop dat een bestuurlijke dwangsom niet mogelijk is bij verzoeken in het kader van de Wet open overheid. De uitspraak is gedaan zonder zitting en in het openbaar uitgesproken op 20 april 2023.