Eiseres meldde zich in 2013 ziek met diverse klachten en ontving aanvankelijk geen WIA-uitkering wegens minder dan 35% arbeidsongeschiktheid. In 2016 werd een WIA-uitkering toegekend wegens toegenomen arbeidsongeschiktheid, maar deze werd in 2017 beëindigd. In 2020 meldde eiseres een verslechtering, waarop het UWV een aanvraag voor een WIA-uitkering weigerde, stellende dat de toegenomen beperkingen voortkomen uit een nieuwe ziekteoorzaak, de ziekte van Crohn.
Eiseres betwistte dit en stelde dat de beperkingen voortvloeien uit reeds bestaande klachten en dat het medisch onderzoek onzorgvuldig was. De rechtbank oordeelde dat het medisch onderzoek zorgvuldig was, onderbouwd met rapportages van verzekeringsartsen die voldeden aan de vereiste criteria. De rechtbank volgde het UWV in de conclusie dat de toegenomen beperkingen voortkomen uit een nieuwe ziekteoorzaak en niet uit de eerdere aandoeningen.
De rechtbank wees het verzoek van eiseres af om een onafhankelijke deskundige te benoemen en verklaarde het beroep ongegrond. Hierdoor blijft het besluit van het UWV dat eiseres geen WIA-uitkering krijgt per 2 maart 2020 in stand.