ECLI:NL:RBMNE:2023:241
Rechtbank Midden-Nederland
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Ongegrondverklaring wrakingsverzoek tegen rechter wegens vermeende partijdigheid
In de wrakingsprocedure, voortvloeiend uit de hoofdzaak met zaaknummer 9931309 UC EXPL 22-4049, heeft verzoekster een wrakingsverzoek ingediend tegen mr. D.C.P.M. Straver. Verzoekster stelde dat de rechter partijdig was omdat het proces-verbaal van de mondelinge behandeling van 14 december 2022 niet haar verweer bevatte, maar alleen de eis en eiswijziging van de tegenpartij.
De wrakingskamer oordeelde dat een proces-verbaal een zakelijke weergave is van de zitting en geen samenvatting van het dossier. Verzoekster was niet aanwezig bij de zitting en kreeg de mogelijkheid schriftelijk te reageren, waarmee het recht op hoor en wederhoor was gewaarborgd. Er was geen aanwijzing voor persoonlijke vooringenomenheid of objectief gerechtvaardigde vrees daarvoor.
Gezien het feit dat verzoekster reeds drie soortgelijke wrakingsverzoeken had ingediend, stelde de wrakingskamer een wrakingsverbod in voor toekomstige verzoeken in deze procedure om misbruik van het wrakingsmiddel te voorkomen. De procedure wordt voortgezet in de stand van voor de schorsing vanwege het wrakingsverzoek. Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek wordt ongegrond verklaard en een wrakingsverbod opgelegd voor toekomstige verzoeken in deze procedure.