ECLI:NL:RBMNE:2023:256
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs mishandeling met zwaar hersenletsel
Op 13 januari 2019 vond in Zeist een mishandeling plaats waarbij het slachtoffer ernstig hersenletsel opliep. Verdachte werd ervan verdacht het slachtoffer een klap tegen het hoofd te hebben gegeven, waardoor het slachtoffer viel en zwaar letsel opliep.
Tijdens de zitting op 21 december 2022 werden camerabeelden, getuigenverklaringen en processen-verbaal besproken. De officier van justitie stelde dat verdachte op de beelden te zien was als dader, ondersteund door verklaringen van twee verbalisanten en getuigen. De verdediging betwistte dit en stelde dat de beelden onvoldoende kwaliteit hadden om verdachte met zekerheid te identificeren.
De rechtbank concludeerde na eigen beoordeling van de beelden dat verdachte weliswaar op sommige beelden herkenbaar was, maar niet met voldoende zekerheid kon worden vastgesteld dat hij de persoon was die het slachtoffer sloeg. Ander bewijs ontbrak. Daarom sprak de rechtbank verdachte vrij van mishandeling.
De benadeelde partij had een schadevergoeding gevorderd, maar werd niet-ontvankelijk verklaard omdat verdachte werd vrijgesproken. De benadeelde werd veroordeeld in de kosten van de verdediging, begroot op nihil.
De uitspraak werd gedaan door de meervoudige kamer van Rechtbank Midden-Nederland op 11 januari 2023.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs dat hij het slachtoffer mishandelde.