ECLI:NL:RBMNE:2023:2766
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Geen proceskostenvergoeding bij herroeping omgevingsvergunning zonder aan het college te wijten onrechtmatigheid
Eiseres maakte bezwaar tegen het primaire besluit van het college dat een omgevingsvergunning voor het kappen van een boom van rechtswege was verleend aan een huurder. Het college herroept het primaire besluit omdat de huurder geen belanghebbende was, aangezien de verhuurder als erfpachter geen toestemming gaf voor de kap.
Eiseres vordert vergoeding van de proceskosten die zij in de bezwaarfase heeft gemaakt. Het college weigert deze vergoeding omdat de herroeping niet het gevolg is van een aan het college te wijten onrechtmatigheid. De rechtbank bevestigt dat de aanvrager in beginsel belanghebbende is, tenzij aannemelijk is dat de rechthebbende geen toestemming geeft en de activiteit niet tegen diens wil kan worden gerealiseerd.
De rechtbank stelt vast dat op het moment van het ontstaan van de vergunning niet aannemelijk was dat de verhuurder geen toestemming zou geven. Pas in de bezwaarfase werd dit duidelijk. Daarom is geen sprake van aan het college te wijten onrechtmatigheid en is de proceskostenvergoeding terecht geweigerd. Het beroep wordt ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de proceskostenvergoeding wordt geweigerd omdat geen sprake is van aan het college te wijten onrechtmatigheid.