Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.ONDERZOEK TER TERECHTZITTING
2.TENLASTELEGGING
3.VOORVRAGEN
4.WAARDERING VAN HET BEWIJS
5.BEWEZENVERKLARING
6.STRAFBAARHEID VAN DE FEITEN
7.STRAFBAARHEID VAN VERDACHTE
8.OPLEGGING VAN STRAF
9.BENADEELDE PARTIJ
10.VORDERING TENUITVOERLEGGING
11.TOEPASSELIJKE WETTELIJKE VOORSCHRIFTEN
12.BESLISSING
een jeugddetentie van 150 dagen;
een gedeelte van 123 dagenniet zal worden ten uitvoer gelegd, tenzij de rechter later anders gelast op grond van het feit dat [verdachte] de hierna te melden algemene en bijzondere voorwaarden niet heeft nageleefd;
een proeftijd van 2 jarenvast;
- zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;
- ten behoeve van het vaststellen van zijn identiteit medewerking verleent aan het nemen van één of meer vingerafdrukken of een identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van Pro de Wet op de identificatieplicht ter inzage aanbiedt;
- medewerking verleent aan het reclasseringstoezicht, bedoeld in artikel 77aa, eerste tot en met vierde lid, van het Wetboek van Strafrecht, de medewerking aan huisbezoeken en het zich melden bij de reclassering zo vaak en zolang als de reclassering dit noodzakelijk acht, daaronder begrepen;
- zich in het kader van de maatregel Toezicht en Begeleiding, waarvan 6 maanden zullen bestaat uit de maatregel ITB Harde Kern, zal melden bij Samen Veilig Midden-Nederland, Haagbeukweg 149 (1318 MA) Almere, en zich daarna gedurende een door de jeugdreclassering te bepalen periode (die loopt tot maximaal het einde van de proeftijd) en op door de jeugdreclassering te bepalen tijdstippen dient te blijven melden bij deze instelling, zo frequent en zo lang die instelling dat noodzakelijk acht en zich houdt aan de aanwijzingen die hem in dit kader worden gegeven;
- meewerkt aan behandeling door de Waag Flevoland of soortgelijke instelling, ook wanneer dit inhoudt een behandeling gericht op PMT, EMDR en/of FAST;
- zich inzet voor zijn dagbesteding in de vorm van opleiding en/of werk;
een taakstraf van in de vorm van een werkstraf van 40 uren;
20 dagen jeugddetentie;
- wijst de vordering van [slachtoffer] toe tot een bedrag van € 18.265,32;
- veroordeelt [verdachte] hoofdelijk tot betaling aan [slachtoffer] van het toegewezen bedrag, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 29 mei 2022 tot de dag van volledige betaling;
- verklaart [slachtoffer] voor wat betreft het meer gevorderde niet-ontvankelijk in de
- legt [verdachte] hoofdelijk de verplichting op ten behoeve van [slachtoffer] aan de Staat € 18.265,32 te betalen, vermeerderd met de wettelijke rente 29 mei 2022 tot de dag van volledige betaling. Bij gebreke van betaling en verhaal wordt geen gijzeling toegepast;
- bepaalt dat [verdachte] van zijn verplichting tot het vergoeden van schade is bevrijd als hij en/of zijn mededader op een van de hiervoor beschreven manieren de schade aan de benadeelde dan wel aan de Staat heeft vergoed;
- veroordeelt [verdachte] ook in de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog zal maken, tot op dit moment begroot op € 2.366,-;
- wijst de vordering toe;
- gelast de tenuitvoerlegging van de door de kinderrechter in de rechtbank Midden-Nederland bij vonnis van 12 januari 2021 opgelegde voorwaardelijke jeugddetentie voor de duur van 3 weken;
- gelast in plaats van de jeugddetentie het verrichten van een taakstraf in de vorm van een
- beveelt dat voor het geval [verdachte] de werkstraf niet of niet naar behoren verricht, de werkstraf wordt vervangen door