ECLI:NL:RBMNE:2023:3032
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - meervoudig
- R.A. Hebly
- V.C. Kool
- V.A. Groeneveld
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs verkrachting ondanks tegenstrijdige verklaringen
Op 19 februari 2022 werd verdachte beschuldigd van verkrachting van de benadeelde te Dronten. De rechtbank heeft het bewijs onderzocht na een openbare terechtzitting op 13 juni 2023.
De verklaring van de benadeelde bevatte tegenstrijdigheden en werd niet voldoende ondersteund door ander bewijs. Verdachte ontkende de verkrachting en gaf een consistente verklaring die werd ondersteund door getuigenverklaringen. De rechtbank oordeelde dat het bewijs niet aan het vereiste bewijsminimum voldoet, mede gelet op artikel 342 Sv Pro, dat vereist dat een enkele getuigenverklaring door aanvullend bewijs wordt ondersteund.
De verkleuringen op de benen van de benadeelde en het feit dat haar riem was gebroken boden onvoldoende steun voor haar verhaal. De rechtbank concludeerde dat verdachte niet wettig en overtuigend schuldig is aan verkrachting en sprak hem vrij.
De benadeelde partij vorderde een schadevergoeding van €7.999,14, maar werd niet-ontvankelijk verklaard wegens de vrijspraak van verdachte. De kosten van de procedure worden tot nu toe begroot op nihil.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende wettig en overtuigend bewijs van verkrachting.