ECLI:NL:RBMNE:2023:3077

Rechtbank Midden-Nederland

Datum uitspraak
3 mei 2023
Publicatiedatum
28 juni 2023
Zaaknummer
UTR 22/3711
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Bestuursrecht
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:54 AwbArt. 8:5 AwbArt. 1 Bevoegdheidsregeling bestuursrechtspraakArt. 26 Invorderingswet 1990Art. 30 Invorderingswet 1990
Verwijzingen
6 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Rechtbank verklaart zich onbevoegd in beroep tegen besluit kwijtschelding gemeentelijke belastingen

Eiser heeft beroep ingesteld tegen een besluit van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Almere betreffende de aanvraag voor kwijtschelding van gemeentelijke belastingen. Het besluit is genomen op grond van artikel 26, eerste lid, van de Invorderingswet 1990. De rechtbank heeft overwogen dat op grond van artikel 8:5 van Pro de Algemene wet bestuursrecht, gelezen in samenhang met artikel 1 van Pro de Bevoegdheidsregeling bestuursrechtspraak, geen beroep mogelijk is tegen dit besluit, behalve voor de artikelen 30, 49 en 62a van de Invorderingswet.

Daarom verklaart de rechtbank zich onbevoegd om van het beroep kennis te nemen en ziet af van het heffen van griffierecht. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door rechter C.M. Dijksterhuis en griffier I.J. Tiktak op 3 mei 2023 te Utrecht.

Uitkomst: De rechtbank verklaart zich onbevoegd kennis te nemen van het beroep tegen het besluit over kwijtschelding van gemeentelijke belastingen.

Uitspraak

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Zittingsplaats Utrecht
Bestuursrecht
zaaknummer: UTR 22/3711

1.a

uitspraak van de enkelvoudige kamer van 3 mei 2023 in de zaak tussen

[eiser] , te [woonplaats] , eiser

(gemachtigde: mr. J. Sprakel),
en

het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Almere, verweerder.

Procesverloop

Deze uitspraak gaat over het beroep van eiser tegen het besluit van verweerder van 20 juni 2022.

Overwegingen

1. De rechtbank nodigt partijen niet uit voor een zitting, omdat dat in deze zaak niet nodig is (art. 8:54 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb)). Hieronder legt de rechtbank dat verder uit.
2. Eiser heeft bij de bestuursrechter beroep ingesteld tegen een beslissing van verweerder over de aanvraag voor kwijtschelding van de gemeentelijke belastingen.
3. Het besluit waartegen eiser in beroep komt, is genomen op grond van artikel 26 (eerste lid) van de Invorderingswet 1990 (IW). Op grond van artikel 8:5 van Pro de Awb, gelezen in samenhang met artikel 1 van Pro de Bevoegdheidsregeling bestuursrechtspraak (bijlage 2 van de Awb), kan er geen beroep worden ingesteld bij de bestuursrechter met uitzondering van de artikelen 30, 49 en 62a.
4. Omdat geen beroep kan worden ingesteld tegen dit besluit verklaart de bestuursrechter zich onbevoegd van het beroep kennis te nemen.
5. Omdat de bestuursrechter zich onbevoegd verklaart, zal worden afgezien van het heffen van het griffierecht.
6. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De rechtbank verklaart zich onbevoegd kennis te nemen van het beroep.
Deze uitspraak is gedaan door mr. C.M. Dijksterhuis, rechter, in aanwezigheid van
I.J. Tiktak, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 3 mei 2023.
griffier rechter
Afschrift verzonden aan partijen op:

Bent u het niet eens met deze uitspraak?

Als u het niet eens bent met deze uitspraak kunt u een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum op de stempel die hierboven staat. Als u graag een zitting wilt waarbij u persoonlijk uw mening aan de rechter kunt geven, kunt u dit in uw verzetschrift aangeven.