ECLI:NL:RBMNE:2023:3110

Rechtbank Midden-Nederland

Datum uitspraak
14 april 2023
Publicatiedatum
28 juni 2023
Zaaknummer
C/16/528320
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Beschikking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 1:253g BWArtikel 8 Verordening (EG) nr. 2201/2003Artikel 15 lid 1 Haags Kinderbeschermingsverdrag 1996
Verwijzingen
3 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Toewijzing voogdij aan tante in Verenigd Koninkrijk na overlijden moeder

De moeder van drie minderjarige kinderen is overleden, waarbij zij als enige het gezag over hen uitoefende. De biologische vader heeft de kinderen niet erkend en heeft geen gezag. De kinderen verblijven sinds enige tijd bij hun tante in het Verenigd Koninkrijk, die de Britse nationaliteit bezit.

De rechtbank Midden-Nederland heeft eerder de gecertificeerde instelling belast met tijdelijke voogdij en toestemming gegeven voor plaatsing bij de tante. Na ontvangst van diverse schriftelijke stukken en een digitale zitting waarbij de tante en een vertegenwoordiger van de gecertificeerde instelling aanwezig waren, heeft de rechtbank het verzoek van de Raad voor de Kinderbescherming toegewezen om de tante met de voogdij te belasten.

De rechtbank baseert haar beslissing op artikel 1:253g BW en het belang van de kinderen, die goed verzorgd worden door de tante. Tevens is vastgesteld dat de kinderen een langdurige verblijfsstatus in het Verenigd Koninkrijk kunnen verkrijgen en dat de Engelse Centrale Autoriteit de plaatsing heeft goedgekeurd.

Vanwege het vertrek van het Verenigd Koninkrijk uit de Europese Unie is de automatische erkenning van Nederlandse uitspraken in het VK komen te vervallen. De tante dient daarom een procedure te starten op grond van het Haags Kinderbeschermingsverdrag 1996 voor erkenning en tenuitvoerlegging. De rechtbank informeert over deze procedure en benadrukt dat de tante dit zelfstandig of met advocaat kan doen.

De beschikking ontslaat de gecertificeerde instelling als tijdelijke voogd en belast de tante met de voogdij over de drie kinderen. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad en kan binnen drie maanden met tussenkomst van een advocaat worden aangevochten bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden.

Uitkomst: De tante wordt belast met de voogdij over de drie minderjarige kinderen en de gecertificeerde instelling wordt ontslagen als tijdelijke voogd.

Uitspraak

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Familierecht
locatie Utrecht
zaaknummer: C/16/528320 / FO RK 21-1009 (voogdij)
Beschikking van 14 april 2023
in de zaak van:
De Raad voor de Kinderbescherming Midden-Nederland,
gevestigd in Utrecht,
hierna te noemen de Raad,
met als belanghebbenden:
[de tante] ,
wonende in het Verenigd Koninkrijk,
hierna te noemen de tante,
Samen Veilig Midden-Nederland,
gevestigd in Utrecht,
gecertificeerde instelling, hierna te noemen de GI.

1.De procedure

1.1.
De rechtbank heeft eerder in deze zaak een beschikking gegeven op 17 november 2021. Voor het verloop van de procedure tot die datum verwijst de rechtbank naar de vorige beschikking.
1.2.
De rechtbank heeft daarna de volgende stukken ontvangen:
  • de brief van de Raad van 9 februari 2022;
  • de brief van de GI van 16 februari 2022;
  • de brief van de GI van 29 juni 2022;
  • de brief van de Raad met bijlagen van 11 juli 2022;
  • het e-mailbericht van de GI van 14 juli 2022;
  • het e-mailbericht van de Raad van 15 september 2022;
  • het e-mailbericht van de GI van 21 september 2022;
  • een aanvullend stuk van de GI van 24 november 2022;
  • het e-mailbericht van de Raad van 3 januari 2023;
  • het e-mailbericht van de GI van 19 januari 2023.
1.3.
Het verzoek is verder besproken tijdens de digitale zitting van 16 februari 2023. Daarbij waren aanwezig de tante en mevrouw [A] namens de GI. Namens de Raad voor de Kinderbescherming (hierna: de Raad) is niemand verschenen.
1.4.
Na de zitting heeft de rechtbank vragen gesteld aan de Nederlandse Centrale Autoriteit Internationale Kinderaangelegenheden over de erkenning en tenuitvoerlegging van de Nederlandse uitspraak in het Verenigd Koninkrijk. De rechtbank heeft op 8 maart 2023 en 17 maart 2023 van de Centrale Autoriteit een e-mailbericht ontvangen.
1.5.
Voor de volledigheid merkt de rechtbank op dat zij de kinderen heeft gehoord over het verzoek om de tante met de voogdij over hen te belasten.

2.Waar gaat het over?

2.1.
De moeder van de kinderen is:
[de moeder], geboren op [geboortedatum 1] 1992 in [geboorteplaats 1] (Sierra Leone).
2.2.
Uit de moeder zijn de volgende kinderen geboren:
  • [minderjarige 1], geboren op [geboortedatum 2] 2010 in [geboorteplaats 2] ;
  • [minderjarige 2], geboren op [geboortedatum 3] 2012 in [geboorteplaats 3] ;
  • [minderjarige 3], geboren op [geboortedatum 4] 2017 in [geboorteplaats 3] .
2.3.
De biologische vader van de kinderen is de heer
[de vader](hierna te noemen de vader). Hij heeft de kinderen niet erkend en is niet belast met het gezag over hen.
2.4.
De moeder is op [overlijdensdatum] 2021 in [overlijdensplaats] overleden. De moeder was toen alleen belast met het gezag over de kinderen.
2.5.
De kinderen hebben de Nederlandse nationaliteit. De tante heeft de Britse nationaliteit.
2.6.
Bij beschikking van 17 november 2021 heeft deze rechtbank de GI belast met de tijdelijke voogdij over [minderjarige 1] , [minderjarige 2] en [minderjarige 3] .
2.7.
Bij beschikking van 22 december 2021 heeft de GI toestemming gekregen om de kinderen bij de tante in het Verenigd Koninkrijk te plaatsen.
2.8.
De rechtbank moet nog een beslissing nemen op het verzoek van de Raad om de tante te belasten met de voogdij over [minderjarige 1] , [minderjarige 2] en [minderjarige 3] .

3.De beoordeling

Bevoegdheid en toepasselijk recht
3.1.
Omdat de kinderen ten tijde van het indienen van het verzoek hun gewone verblijfplaats in Nederland hebben, is de Nederlandse rechter bevoegd om kennis te nemen van de zaak. [1] Het Nederlands recht is op het verzoek van de Raad van toepassing. [2]
Voogdij
3.2.
De rechtbank zal het verzoek toewijzen en de tante belasten met de voogdij over [minderjarige 1] , [minderjarige 2] en [minderjarige 3] . Hieronder legt de rechtbank uit hoe zij tot deze beslissing is gekomen.
3.3.
Op grond van artikel 1:253g van het Burgerlijk Wetboek (BW) kan de rechtbank – indien van de ouders diegene overlijdt die het gezag over de kinderen alleen uitoefent – bepalen dat de overlevende ouder of een derde met het gezag over de kinderen wordt belast.
3.4.
De rechtbank vindt het in het belang van [minderjarige 1] , [minderjarige 2] en [minderjarige 3] dat de tante met de voogdij over hen wordt belast. De kinderen verblijven namelijk al enige tijd bij de tante en worden door haar verzorgd en opgevoed. Volgens de GI gaat het goed met de kinderen. Het is dan ook van belang dat de tante de belangrijke beslissingen over hen kan nemen.
3.5.
De rechtbank had de zaak aangehouden om antwoord te krijgen op de vraag
of de kinderen op eenvoudige wijze een langdurige verblijfsstatus in het Verenigd Koninkrijk konden krijgen. Inmiddels is dit gebleken en ook is komen vast te staan dat de Engelse Centrale Autoriteit heeft ingestemd met de plaatsing van de kinderen bij de tante, zodat dit niet meer aan toewijzing van het verzoek in de weg staat.
Erkenning en tenuitvoerlegging van deze beslissing in het Verenigd Koninkrijk
3.6.
De tante heeft gevraagd om een vertaling van deze beslissing in het Engels. De rechtbank is helaas niet in staat om deze te geven. De rechtbank zal de tante wel belangrijke informatie geven over de procedure tot erkenning en tenuitvoerlegging van deze beslissing in het Verenigd Koninkrijk. De rechtbank gaat ervan uit dat de GI of de Raad de tante hierbij zal kunnen helpen.
3.7.
Sinds het Verenigd Koninkrijk niet meer onderdeel is van de Europese Unie, worden uitspraken van Europese lidstaten niet langer van rechtswege erkend in het Verenigd Koninkrijk. De tante zal daarom op grond van het Haags Kinderbeschermingsverdrag 1996 in het Verenigd Koninkrijk een procedure moeten staten voor erkenning en tenuitvoerlegging van deze beslissing. De tante kan hiervoor het volgende formulier gebruiken: [internetsite] .
3.8.
Dit formulier dient door de tante te worden ingevuld en bij de rechtbank in het Verenigd Koninkrijk te worden ingediend. Er is geen beroep op rechtsbijstand mogelijk voor een dergelijke procedure. De tante kan daarom op eigen kosten worden bijgestaan door een advocaat, maar het is ook mogelijk om het verzoek zelfstandig (zonder tussenkomst van een advocaat) bij de rechtbank in te dienen door het formulier naar het volgende e-mailadres te versturen: [e-mailadres] .

4.De beslissing

De rechtbank:
4.1.
ontslaat de GI als tijdelijke voogd over [minderjarige 1] , [minderjarige 2] en [minderjarige 3] ;
4.2.
belast
[de tante], geboren op [geboortedatum 5] 1968 in [geboorteplaats 4] , Sierra Leone,
met de voogdij over de kinderen:
  • [minderjarige 1], geboren op [geboortedatum 2] 2010 in [geboorteplaats 2] ;
  • [minderjarige 2], geboren op [geboortedatum 3] 2012 in [geboorteplaats 3] ;
  • [minderjarige 3], geboren op [geboortedatum 4] 2017 in [geboorteplaats 3] ;
4.3.
verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.
Dit is de beslissing van de rechtbank, genomen door mr. E.A.A. van Kalveen, kinderrechter, in samenwerking met mr. H.E. Broersma, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 14 april 2023.
Tegen deze beschikking kan - voor zover er definitief is beslist - door tussenkomst van een advocaat hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof te Arnhem-Leeuwarden. De verzoekende partij en verschenen belanghebbenden dienen het hoger beroep binnen de termijn van drie maanden na de dag van de uitspraak in te stellen. Andere belanghebbenden dienen het beroep in te stellen binnen drie maanden na de betekening van deze beschikking of nadat deze hun op andere wijze bekend is geworden.

Voetnoten

1.Artikel 8 van Pro de Verordening (EG) nr. 2201/2003 van de Raad (Brussel II bis)
2.Artikel 15 lid 1 van Pro het Haags Kinderbeschermingsverdrag 1996