Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op haar aanvraag van 19 augustus 2021 voor herbeoordeling van de kinderopvangtoeslag. De rechtbank Midden-Nederland is bevoegd om over dit beroep te oordelen nadat het eerst bij een andere rechtbank was ingediend.
De rechtbank stelt vast dat de beslistermijn door verweerder is overschreden en dat eiseres verweerder tijdig in gebreke heeft gesteld. Het beroep is daarom gegrond verklaard. Verweerder wordt opgedragen om uiterlijk 1 juli 2024 alsnog een besluit te nemen.
Daarnaast legt de rechtbank een dwangsom op van € 100,- per dag met een maximum van € 15.000,- voor elke dag dat verweerder de beslistermijn overschrijdt. De rechtbank wijst ook de proceskostenvergoeding van € 418,50 toe aan eiseres en draagt verweerder op het betaalde griffierecht van € 50,- te vergoeden.