Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op haar bezwaren tegen de definitieve beschikkingen compensatie kinderopvangtoeslag over de jaren 2009 tot en met 2014. De rechtbank stelt vast dat de beslistermijn door verweerder is overschreden en dat eiseres tijdig beroep heeft ingesteld na ingebrekestelling.
De rechtbank verklaart het beroep gegrond en draagt verweerder op binnen twee weken na verzending van deze uitspraak alsnog een besluit te nemen. Tevens wordt een dwangsom van € 100,- per dag opgelegd voor elke dag dat de beslistermijn wordt overschreden, met een maximum van € 15.000,-. Dit is conform het uitgangspunt dat de rechtbank hanteert sinds een eerdere uitspraak van 14 april 2023.
Verweerder heeft reeds twee afzonderlijke besluiten genomen waarbij een maximale dwangsom van € 1.442,- is toegekend, waarover de rechtbank zich niet verder uitlaat. Daarnaast wordt verweerder veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van eiseres en het betaalde griffierecht.
De uitspraak is gedaan door rechter L.A. Banga en griffier S.C. Hak op 30 juni 2023 te Utrecht. Partijen hebben geen gebruik gemaakt van het recht op mondelinge behandeling.